Profeet Muhammad ﷺ begon te huilen

Usama ibn Zayd, de slaaf van de Profeet ﷺ die bij zijn vader was, een van de geliefde metgezellen van de Profeet, heeft gezegd:

De dochter van de Profeet stuurde iemand om haar vader aan te kondigen dat zijn kleinzoon op sterven lag en om hem te vragen om te komen. De Boodschapper van Allah begroette hem en antwoordde: “Alles behoort toe aan Allah, zowel wat Hij neemt als wat Hij geeft en Hij heeft voor elke zaak een welbepaalde termijn vastgelegd. Wees dus geduldig in de hoop dat Allah je beloont.” Ze vroeg hem echter met klem om toch te komen. Hij kwam dus bij haar, vergezeld van Saad Sa’d ibn Ubada, Mu’adh ibn Jabal, Ubayy ibn Ka’b, Zayd ibn Thabit en enkele anderen.
Het kind werd naar hem gebracht en hij hield het stevig tegen zijn borst aan terwijl het zijn laatste stuiptrekkingen had. Toen begon de Profeet ﷺ te huilen. Sa’d vroeg hem: “Waarom die tranen?” De Profeet ﷺ antwoordde: “Ze zijn afkomstig van de barmhartigheid die Allah in het hart van Zijn dienaren geplaatst heeft.”

(Al-Bukhari en Muslim)

 

Commentaar:

  • Het is toegestaan om vrome mensen te laten komen bij de stervende, om smeekbeden te verrichten voor hem.
  • We worden aangespoord om medelijden te hebben met de gelovigen en het is toegestaan om te huilen, zonder daarbij echter op overdreven wijze te jammeren.
  • Er wordt gewezen op de regels die moeten gerespecteerd worden bij het betuigen van de deelneming en op de woorden die worden uitgesproken tegen de familie van de overledene.
  • De Profeet ﷺ voelde medelijden en liefde voor zijn familie.

Comments are closed.