Het graf wacht op jou

Beste broeders en zusters

Al-Hasan al Basri zei: “Als er iemand van jullie gevraagd wordt: “Geloof je in de Dag van de Afrekening?”, dan zal hij spontaan antwoorden: “Natuurlijk!”, terwijl hij op dat moment gelogen heeft.”

Wat een vraag! Je hebt een oprechte geloofsovertuiging nodig vooraleer je daarop kunt antwoorden..

Geloof je in de Dag van de Afrekening?
Ben je er zeker van dat je zult sterven?
Ben je ervan overtuigd dat je na de dood berecht zult worden?
Ben je er zeker van dat het graf ofwel een tuin uit het Paradijs of een gat uit de Hel is?
Ben je er rotsvast van overtuigd dat je daden jouw gezel zullen zijn in jouw graf?
Ben je er bewust van dat de dood je geen enkele kans zal geven om je te herpakken of wat dan ook goed te maken?
Geloof je..? Ben je er overtuigd van..? Denk je echt..? Heb je de zekerheid..?
Het zijn allemaal vragen waarbij je moet stilstaan alvorens je anwoordt, want als je JA antwoord, dan zullen vele andere vragen jou gesteld worden:

Waarom ben je dan ongehoorzaam aan Allah?
Waarom behandel je de mensen onrechtvaardig?
Waarom heb je jezelf zo hard aan deze wereld gehecht en loop je hebzuchtig achter haar geneugten?
Waarom boek je geen vooruitgang op het vlak van jouw gehoorzaamheid aan Allah?
Waarom werk je niet voor die mysterieuze en verschrikkelijke wereld (het graf) die heel dicht bij jou staat?

We gaan hier over praten met het doel ons geloof in de Dag van de Afrekening  te inspireren, ons doen herinneren aan de Dag van de Terugkeer en ons waarschuwen voor de dag van spijt en wroeging zal aanbreken, alvorens dat te laat is.

Wij willen een oproep doen tot een hervorming en terugkeer naar Allah de Allerhoogste voor het te laat is. En we roepen op dat wij mensen meer vrijwillige daden moeten gaan verrichten.

Beste broeders en zusters, we hopen dat het effect van deze woorden en wat nog zal volgen in shaa Allah jullie hart zal verzachten, jullie een verlangen naar het hiernamaals zal ingeven, jullie de kracht zal geven om geen zonden meer te plegen, jullie wakker zal maken van deze zorgeloze staat waarin we wegzinken, jullie zal aanzetten om af te zien van de wereldse geneugten, jullie zal aanzetten om de inspanningen en vastberadenheid te richten op één enkel doel, namelijk Allah de Enige te vrezen nadat we de vrees voor de schepselen hebben gekend.

We smeken Allah de Verhevene om onze daden te aanvaarden, om ze enkel en alleen aan Zichzelf te wijden zonder dat iemand anders er een aandeel in heeft.
We smeken Hem, de Allerhoogste, om ons de kracht te geven om onze kennis in daden om te zetten. Moge Hij ervoor zorgen dat onze daden een bewijs vóór ons en niet tégen ons zullen zijn. Voorwaar, Hij is de enige die daartoe in staat is.

Beste broeders en zusters,

Zullen jullie mij geloven als ik zeg: Ik zweer bij Allah, jullie zullen allemaal sterven! Dat is de waarheid waaraan geen twijfel bestaat. Dit nieuws verbaast jullie zeker niet. Het is een Goddelijke boodschap waarmee jullie kennis hebben gemaakt gedurende jullie leven in deze vergankelijke wereld. Ik wil jullie niet kwetsen maar dit is de waarheid, ook al is het tegen wil van eenieder die ertegen protesteert. De dood zal onvermijdelijk iedereen van ons inhalen.

Ik heb geen waarheid gezien die duidelijker is dan de dood.
Maar ze wordt zo overschaduwd door valse hoop dat we ze vergeten.

De dood zal ongetwijfeld komen.
De dood is onvermijdbaar.
De dood komt plotseling.
De dood klopt niet op jouw deur.
De dood vraagt jouw toestemming niet.
De dood is een schuld die iedereen moet aflossen.
De dood is jouw uur en het uur van elk wezen.

Mijn broeder,zuster:

Waarom zwoeg je om de vergankelijke goederen van deze wereld te verzamelen terwijl je weet dat ze nooit voor eeuwig van jou zullen zijn?

Mijn broeder, zuster:

De dood zal je van jouw kleren beroven en een einde maken aan wat je wenst. Put je je jouw lichaam uit omwille van een kortstondig genot?

Mijn broeder, zuster:

Heb je een remedie tegen de dood? Denk je dat je weg kunt vluchten of denk je dat hij zich zal afwenden van je? Weet je niet dat ze geen onderscheid maakt tussen jong en oud, rijk en arm, sterk en zwak, nobel en onwaardig?

Mijn broeder, zuster:

Allah zegt (interpretatie vd betekenis):
“En geef bijdragen van waar Wij jullie mee voorzien hebben, voordat de dood tot één van jullie komt, en dan zal deze zeggen: “Mijn Heer, had U mij maar een korte tijd uitstel gegeven, dan zou ik uitgeven aan liefdadigheid en tot de rechtschapenen behoren.” Maar Allah geeft geen ziel ooit uitstel als haar tijd is gekomen. En Allah is Alwetend over wat jullie doen.” ( Qur’aan Al Munafiqun 10-11)

Als dit zo is, waarom blijf je jezelf hechten aan deze wereld? Zie je niet dat er elke dag mensen zijn die elkaar hun medeleven betuigen voor de dood van een naaste of een vriend? Waarom sla je niet de nodige voorraden op voor deze dag?

Verbazingwekkend is de mens die de wereld als enige verblijfplaats ziet.
En de opeenstapeling van rijkdommen als ultieme hoop.
Het naderen van de dood is hem voldoende als waarschuwer.
En de dood van zijn naasten en zijn soortgenoot.

Mijn broeder, zuster:

De dood is het lot van Allah, en het noodlot van Allah zal geschieden. Heb jij de macht om dat tegen te houden?
We nemen medicatie in wanneer we ziek zijn, maar bestaat er een geneesmiddel tegen de dood?
Wij raadplegen de dokter wanneer we aan een ziekte lijden, maar bestaat er een geneeskundige die het noodlot kan afweren?

Mijn broeder, zuster:

Sta even stil met mij. Stel je ziel open voor dit buitengewoon tafereel, dit verschrikkelijk moment dat de dood heet.
Vraag aan je ziel: Waar ga je naartoe? Tot wanneer?
Spreek hem aan en zeg: Waren degenen die door de dood werden verrast geen voorbeeld voor jou? Ze waren zoals jou: ze dachten dat hun beurt nog niet gekomen was. Toen kwam opeens de dood en werd hen duidelijk wat ze weigerden te overwegen. Toon berouw voordat je de vraag zal stellen: Is er een mogelijkheid om terug te keren naar de aarde? En je een Neen als antwoord zult krijgen.
De Boodschapper van Allah (vrede zij met hem) had zich op een dag naast een graf gezet waarvan de zijdelingse holte nog niet gegraven werd. Hij hield een stok in zijn hand waarmee hij op de  aarde krabde. Toen hief hij zijn hoofd op en keek naar zijn metgezellen. Hij zei: “Mijn broeders, bereid jullie voor op de dag waar jullie daarin zullen liggen!”

Mijn broeder, zuster:

Dit is het leven! Al wie een gunst bezit, zal er op een dag van ontnomen worden. Wie op een lang leven hoopt, zal teleurgesteld worden. Elk mens die een rijkdom bezit, zal die ooit moeten achterlaten voor de erfgenamen. Al wie de mensen van hun rechten oneigent, zal zelf oneigent worden. Al wie bewusteloos is, wordt ooit wakker, maar de dode keert nooit terug. Waarom zijn we zo onverschillig tegenover de dood? Het is alsof hij de anderen in onze plaats neemt als een soort losgeld om ons te besparen.

Mijn broeder, zuster:

Laten we dit samen lezen, dit verschrikkelijke mysterie. Laten we leren hoe we de hardheid van onze harten moeten genezen! Laten we even samen in de Dag des Oordeels geloven! Laten we de moeilijkheid overstijgen voor de Dag van Spijt! Laten we aan de dood denken voordat het te laat is, want de Boodschappen van Allah (sws) zei:
“Denk veel na over datgene dat alle plezieren wegvaagt (m.a.w:  de dood)”.

 

 

 

Mijn broeders en zusters:

Laten we ons de volgende vraag stellen: “Zijn we echt gelovigen? Geloven we in Allah en de Laatste Dag? Zijn we overtuigd dat de dood naar ons zal toekomen en dat we uit onze graven zullen opstaat op de Dag van de Afrekening?
Het is belangrijk dat de daden van de gelovigen een bekrachtiging zijn van hun woorden. Het geloof is geen speelgoed dat we gebruiken en daarna achterlaten. Het geloof, zoals al-Hasan al-Basri zegt, is niet louter een wens of een versiering, maar het geloof is datgene dat zich in het hart vestigt en dat door daden wordt bevestigd.
Het echte geloof bevindt zich in het diepste van de ziel. Het wordt door het hart geabsorbeerd en manifesteert zich in de werkelijkheid.
De persoon die het geloof heeft opgenomen kan niet verdragen dat het vermindert.
Al-Hasan zei ook: We zijn veraf, we zijn ver weg! De ijdele verlangens hebben de mensen vernietigd: woorden zonder daden, kennis zonder geduld en een geloof zonder overtuiging. Waarom zie ik mannen maar geen intelligente geesten? Ik hoor rondom mij vertrouwde stemmen maar ik zie niemand waarop ik kan rekenen. De mensen zijn het geloof binnengewandeld, maar ik zweer bij Allah, ze zijn er uitgestapt. Ze hebben geloofd, maar daarna hebben ze ontkend. Ze hebben zaken verboden verklaard, maar hebben ze daarna toegestaan. Het geloof van één van hen is zoals iemand die op zijn tong bijt. Als men hem vraagt: “Geloof je in de Dag van de Afrekening?” dan antwoordt hij onmiddellijk : “Ja!”, maar bij de Meester van de Dag des Oordeels, hij liegt.

Mijn broeders en zusters:

Dit is het gedrag en de eigenschappen van de gelovigen: Een spirituele kracht, een standvastig geloof, kennis met zachtmoedigheid die gebaseerd is op kennis en een scherpzinnigheid doordrenkt met zachtheid. Ze zijn eerlijk als ze  arm zijn, ze bewandelen de middenweg als ze rijk zijn, ze geven van harte geld uit, ze leven mee met mensen die inspanningen doen, ze verrichten met gretigheid hun taken uit, ze zijn niet onrechtvaardig met wie ze haten, ze helpen hun geliefden niet door onrecht, ze spotten niet met mensen en vernederen hen niet, ze houden zich niet bezig met tirades en vermaak, ze strooien geen lasterpraatjes rond, ze verlangen niet naar wat niet van hen is en ze verloochenen hun taken niet.
Dit zijn de deugden van de gelovigen, maar waar zijn die gelovigen?
Ben jij één van hen? Wat een (belangrijke) vraag!
“Onze Heer, vervolmaak ons licht voor ons en vergeef ons, voorwaar, U bent Almachtig over alle zaken.” ( Qur’aan –At-Tahrim -8)

 

Mijn broeders en zusters:

De dood is een bikkelharde waarheid die door geen enkele hoogmoedige betwist kan worden. Er bestaat geen mens met verstand die dit in twijfel kan trekken. De dood is een tafereel dat telkens wordt herhaald. De mensen blijven daar onverschillig voor of ze doen alsof het hen niet kan deren terwijl iedereen voorbestemd is voor de dood. Elke mens zal deze wereld voor het hiernamaals laten. Het is gewoon zijn lot. Hij zal alle gunsten van Allah zoals familie, bezittingen en geneugten achter zich laten.
Sterker, het is zijn familie die hem zal begraven en hem met zand zal bedekken nadat ze zijn lichaam hebben afgeleverd. Daarna zullen zijn naasten naar het genot en de vermakelijkheden van het leven terugkeren. In de loop van de tijd zullen ze hem vergeten door hun wereldse zorgen, terwijl hij zijn leven heeft opgeofferd voor hen om hen gelukkig te maken door zaken te doen die de woede van Allah over hem heen riep. Hij heeft zich zodanig met hun welzijn beziggehouden dat hij zijn leven in het hiernamaals vergeten was.

Mijn broeders en zusters:

Het leven van elk van ons heeft maar een bepaalde duur; onze levensloop kent een einde. We kennen noch de datum van onze dood noch de datum van het einde van de wereld, maar wees er zeker van dat het niet lang zal duren. Allah de waarachtige zegt:
“Voor iedere gemeenschap is er een vastgesteld tijdstip, en wanneer haar tijdstip is gekomen dan kunnen zij het geen moment uitstellen noch vervroegen.” (Qur’aan Al-A’Raf- 34)
Hoe zal je het stellen als je aan het einde van je leven zult komen en de overstap zal maken naar de andere wereld? Denk je dat je toegang zult krijgen tot een beter leven of zal het slechter en ongelukkiger zijn?

Mijn broeders en zusters:

We zijn allemaal reizigers. De weg is lang en obstakels zijn talrijk. Laten we ons in deze wereld bevoorraden voor ons leven in het hiernamaals. Niets mag ons afleiden van ons doel: noch de illusies die onze weg kruisen, de glans van verlangens, de bedrieglijke glinstering van geld en de zachtheid van dit leven. Al deze zaken zullen niet voortduren.

Mijn broeders en zusters:

Laten we in onze ziel een weg voor de waarheid plaveien. Laten we kennis maken met de realiteit van deze wereld. Bij Allah, een leven is onbeduidend en pijnlijk als je niet de Goddelijke weg bewandelt. Hetzelfde geldt voor een bestaan dat niet verbonden is aan de Eeuwiglevende en één waarin je je terugtrekt van de schaduw van Allah’s sharia. Degene die een dergelijk leven leidt, lijdt aan een grote angst en spirituele dorst die enkel door kennis kan worden gelest, want hij leeft zonder dat hij zijn bestaansreden en doel kent.
Ken je Heer, en je zal jezelf leren kennen. Je zult weten waar je geluk ligt en je zult geleid worden naar je echte doel. Anders zal je leven als een hersenschil zijn: Je denkt dat je sprankelend water ziet onder een gloeiende middagzon maar het is niets meer dan een fata morgana.
“En degenen die ongelovig zijn: Hun daden zijn als een luchtspiegeling op de woestijnvlakte. De dorstige denkt water (te vinden) totdat hij daar komt en er niet vindt. Maar hij vind Allah bij zich en Hij zal zijn rekening opmaken. En Allah is snel in de afrekening. (Qur’aan An-Noer – 39)

Mijn broeders en zusters:

Ik hoop niet dat ik je in de volgende situatie zal treffen: je bent aan het einde van je leven gekomen. Jouw uur is aangebroken. De wereld keert zich van je af. Op het ogenblik dat je terugblikt op je leven, besef je dat je een ellendig verleden hebt want je hebt zwarte en sombere dagen doorgebracht in de ongehoorzaamheid van de Heer der aarde. De wereld heeft je bedrogen met zijn uiterlijkheden en versieringen. Daardoor heb je diens werkelijkheid en doel uit het oog verloren. Op het moment van dit zelfbewustzijn zeg je terwijl je ziel je lichaam verlaat langs jouw keel: “Mijn Heer, geef me uitstel, laat me terugkeren naar het leven zodat ik goede daden kan verrichten die ik verwaarloosde.” Men zal jou zeggen: Niets van! Jouw leven is voorbij, jou beproevingsperiode is verstreken.
Allah de Allerhoogste zegt: “Zij zullen zeggen: Onze Heer, U hebt ons tweemaal doen sterven en ons tweemaal doen leven. Nu erkennen wij onze zonden: is er dan nog een terugkeer van de weg (de bestraffing)?” (Qur’aan -Ghafir -11)
Hij, de Verhevene zegt ook: “En zij zullen daarin schreeuwen: “Onze Heer, haal ons hier uit, dan zullen wij goede werken verrichten, anders dan wat wij plachten te doen.”
Hebben Wij jullie geen lang leven geschonken, zodat wie wilde de vermaningen ter harte kon nemen? En de waarschuwer is tot jullie gekomen. Proef daarom (de bestraffing), en voor de onrechtplegers is er geen helper. (Qur’aan –Fathir – 37)

 

WAT ZAL ER DAARNA GEBEUREN?

Dit is een beslissende vraag die de weg scheidt tussen enerzijds de mensen van het geloof en anderzijds de mensen van ongeloof en ongehoorzaamheid.
Bestaat er een leven na de dood? Is het waar dat het graf voor sommigen een plaats van geluk en voor anderen een plaats van bestraffing kan zijn? Bestaat er een Paradijs voor de gelovigen en een Hel voor de ongelovigen?

De mensen van het geloof zijn waarlijk van mening dat dit leven vergankelijk is en dat de mens naar een ander eeuwig leven zal overstappen. Ze geloven dat deze wereld een examenplaats is terwijl de wereld van het hiernamaals de beloning is.

Ze geloven in de bestraffing en de gelukzaligheid van het graf. Ze menen dat Allah op de Dag des Oordeels de mensen uit hun graf zal verrijzen. Het zal een buitengewone dag zijn waarin de mensen voor hun Heer zullen worden voorgeleid. Hij zal de gelovigen hun beloning geven en Hij zal hen door Zijn Barmhartigheid het Paradijs doen binnentreden, want Hij beschikt over de geweldige gunst. Wat betreft de ongelovigen, Hij zal hen door Zijn rechtvaardigheid de Hel doen binnentrekken, en slecht is de bestemming voor de ongelovigen.

Dit is de geloofsovertuiging van de gelovigen die de mensen aanzet tot daden. Waarop wachten we nog?

Mijn broeders en zusters:

Wanneer je ziel vertrekt, wordt het lichaam onder het zand gelegd. Het graf is het eerste station van het hiernamaals en één van de eerste etappes die je op een ander leven voorbereidt. Eén van de vereisten van het geloof houdt in dat je over dit mysterie mediteert. De eerste stap die je moet zetten vooraleer je een groot project onderneemt, is mediteren.
Het siert iemand die weet dat de dood hem op een dag zal vellen, dat de buik van de aarde zijn verblijfplaats zal zijn, dat hij een lange tijd in het graf zal doorbrengen met zijn gezellen Munkar en Nakir (De 2 Engelen die de mens ondervragen in het graf),
dat hij een afspraak zal hebben met het Oordeel en het Paradijs of de Hel als woning zal hebben, dat hij zich met zijn lot bezighoudt, dat hij herhaaldelijk aan de dood denkt en dat hij zich daarop voorbereid.

Sommige vrome voorgangers zeiden: “Als de herinnering aan de dood mijn hart verlaat, krijg ik schrik omdat het een teken van haar verderf is.”
Eén van de vrome voorgangers heeft de volgende aanbeveling gedaan:
“Neem de dood als hoofdkussen als je gaat slapen en plaats die voor jouw ogen als je wakker wordt”

Een man werd in de aanwezigheid van de Boodschapper van Allah (sws) geprezen. De Profeet vroeg: “Was hij iemand die herhaaldelijk aan de dood dacht?” De metgezellen antwoordden: Nee. Toen zei de Profeet (sws): “Ik denk niet dat jullie metgezel een verdienstelijke plaats heeft bereikt.”

Iemand die gered wil worden en naar een goede afloop verlangt, moet zichzelf tot de doden rekenen. Hij moet zich inbeelden hoe diep hij in zijn graf ligt. Het probleem dat zich tegenwoordig stelt is dat de harten hard en ongevoelig zijn geworden voor deze onvermijdelijke realiteit. Degenen die toch de dood herdenken, doen het met een hart dat leeg is of dat bezig is met de geneugten van deze wereld.

Wat is de oorzaak van deze vervreemding van het pad van Allah en van deze onverschilligheid?

Waarom zijn onze harten hard geworden? Waarom zijn ze ongevoelig geworden voor de vermaningen en oproepen van predikers die nochtans audiovisuele middelen gebruiken om ons op te roepen tot onze godsdienst?

Waarom dwalen de mensen af van de weg van Allah? Waarom klampen ze zich niet vast aan de sharia van hun Heer?
Is het deze wereld die de mensen zo ver van hun religie heeft afgewend dat ze die buiten Allah hebben aanbeden? Is het zo ver gekomen dat de mens alleen nog aan zijn verlangens denkt terwijl hij weet dat de geneugten van deze wereld vergankelijk zijn?
Dit wereldje is niet voor eeuwig. De echte redding bevindt zich in het opgeven van de geneugten.

Moeten we misschien alle verantwoordelijkheid van ons afschudden en de oorlog tegen de islam de schuld geven? Het is immers een militaire en culturele oorlog (beter gekend onder culturele verovering) die overal ter wereld en in verschillende vormen wordt uitgevochten. Dit perverse plan wil onze islamitische identiteit wegwissen en heeft vele geloofsgenoten misleid. Lafheid en zwakte hebben zich meester gemaakt van hun harten. Ze zijn het slachtoffer geworden van een morele nederlaag en ze geloven niet dat de Islam zijn verhevenheid en positie zal terugwinnen. Ze zijn gefascineerd geraakt door de bedrieglijke glans van deze beschaving. Ze hebben zich laten beïnvloeden door de zielloze materialistische levenswijze die de westerse cultuur hen aanbiedt. Daardoor hebben ze zich van hun religie verwijderd. Het gevolg is dat er in onze gemeenschap een soort moslims zijn ontstaan die verbazingwekkend zijn: hun harten zijn gevuld met scepticisme en ze tasten rond in een volledige duisternis.

Sommige mensen onder hen spotten met de islamitische geloofsovertuiging zoals de bestraffing van het graf. Het ergste is dat sommigen onder hen zo ver gaan dat ze de Dag des Oordeels en het bestaan van Allah ontkennen. Eigenlijk kan je deze situatie met verdiepingen vergelijken: hoe dieper je gaat, hoe schadelijker. Bovendien, volgens de natuurwetten is de afdaling gemakkelijker dan de beklimming. Denk goed na over deze woorden!

 

Beste broeder, beste zuster:

Ik wil me nu gaan richten tot degene die naar Allah en het hiernamaals verlangt. Ik ga hem trachten wakker te maken. Ik ga hem proberen weg te trekken van de gevangenis waarin hij zich bevindt voordat hij achter slot en grendel gaat sterven. Ik zou graag willen dat hij in de ark van het geloof stapt en dat hij niet met degenen blijft die door de vloed verslonden zullen worden.

Ik zal je, dierbare broeder en zuster, een voorschrift uitschrijven met de nodige geneesmiddelen die je nodig zult hebben. Wees eerst oprecht met jezelf en geef me een uur van je leven. Misschien zal je hierna genieten van het geluk in deze wereld en in het hiernamaals.

Beste broeder, beste zuster:

Eerste en vooral wil ik zeggen dat ik van je houd voor de zaak van Allah. Ik maak me zorgen om je. Beschouw me als een oprechte raadgever want ik wil enkel het beste voor je. Ik zweer bij Allah en Hij is mijn getuige, ik wens je niets anders dan geluk en vrede toe in deze wereld. Ik wens je een eeuwig verblijf in het Paradijs met de tevredenheid van Allah. Leen me even je hart en luister naar mij. Moge Allah je beschermen. Mijn woorden staan geschreven op dit blad, maar als je goed luistert, zal je de kloppingen van een hart horen dat je liefheeft voor de zaak van Allah.

Welk obstakel ligt er tussen jou en jouw vooruitgang op de weg van het Paradijs? Je gelooft toch in Allah en de Laatste Dag? Wat houdt je tegen om te evolueren op de weg van de tevredenheid van Allah? Wat zorgt ervoor dat je je haast naar het verrichten van zonden en verlangens?

Het antwoord is simpel: de weg van Allah kan niet met de voeten worden betreden, maar wel met het hart. Heb je een hart?
Heb je een zuiver hart dat van Allah en Zijn Boodschapper houdt en dat Allah en zijn Boodschapper gehoorzaamt?
Vind je hart rust wanneer ze de naam van Allah herdenkt?
Onderwerpt je hart zich in volle nederigheid aan Allah of zijn het vooral je lusten die het overheersen?

DE GENEESMIDDELEN TEGEN DE HARDHEID VAN HET HART:

–    De recitatie van de Qur’aan en Allah herdenken (dhikr).

–    Oprecht zijn wanneer je je nederig opstelt tegenover Allah en je altijd tot Hem wenden.

–    Religieuze wetenschappelijke bijeenkomsten bijwonen en aanwezig zijn op zittingen waarin er gewaarschuwd wordt (tegen slechte zaken).

–    De dood in je achterhoofd houden.

–    Een stervende bezoeken.

–    Begraafplaatsen bezoeken.

 

Mijn broeders en zusters:

Mediteer! Je vriend, de bewonder van het graf die je nu bezoekt, beleefde in het verleden plezier door naar zijn omgeving te kijken. Nu bevindt hij zich diep in zijn graf met uitpuilende ogen. Vroeger was hij welbespraakt, maar nu hebben de wormen zijn tong verslonden. Vroeger lachte hij omdat hij in alles succes had, maar nu worden zijn tanden door de aarde doorboord.

Mediteer en denk na..
Sterker, wees ervan overtuigd dat je in dezelfde situatie als die van hem zult terechtkomen. Jouw bestemming zal niet anders zijn dan zijn bestemming. Als je daar zo hard over mediteert en daar bewust van bent, dan zullen de verleidingen bezigheden van deze wereld afstand nemen van jou. Op dat ogenblik zal je jezelf klaar voelen om voor het hiernamaals te werken. Zo zal je zelf afstand nemen van deze wereld, je zult je haasten om je Heer te gehoorzamen, je hart zal zacht worden en je zintuigen zullen tot rust komen. Inderdaad, deze vermaner  bezoeken is één van de meest efficiënte daden om het hart sterker te maken en de sluier weg te nemen. Als je je vrijdag tot de moskee begeeft, dan hoor je één enkele vermaner (namelijk de imam). Er zijn veel gelovigen en de prediker staat daar. Als je daarentegen naar een begraafplaats gaat, dan heb je een omgekeerde scenario: alle graven veranderen in predikers terwijl jij gelijktijdig naar ze luistert. Het is een scene waarin de luisteraars met weinig zijn en de predikers talrijk. Het is zonder twijfel een ongelooflijke situatie die je alleen op die plaats kunt beleven. Het graf beweegt niet en spreekt niet in woorden, maar haar stem dat diep in de mens weergalmt is luider dan de stem van een luidruchtige prediker die in de moskee op zijn preekgestoelte praat.

Mijn broeders en zusters:

Laten we een bezoekje brengen aan deze ‘zwijgzame’ prediker. Laten we even halt houden bij hem. Laten we mediteren over zijn blijvende woorden zodat we diens betekenis ervan kunnen doorgronden.

 

DIT IS HET GRAF

Het graf beschikt niet over de gerangschikte en rijmende uitdrukkingen van predikers, maar haar fysieke verschijning zegt veel meer en is expressiever dan alle preken van de imams.

Het graf.. haar handen verzetten zich niet en haar gezicht beweegt niet naar links of naar rechts met als doel de luisteraar naar haar preek te doen luisteren en zich met lichaam en ziel naar haar te richten. Echter, de aantrekkingskracht die zij op anderen uitoefent is eigen aan haar. Ze trekt de aandacht van de harten aan voor die van de lichamen.

Het graf is enkel en alleen maar die grafkuil waarin de mens zal slapen als de instrumenten, die hem in staat stelde om te bewegen, zullen bezwijken. Dan zal er aangekondigd worden dat het examen, dat hij moest afleggen, voor bij is.

 

 

Ibn al Jawzi zei: “De wieg van het kind geeft ons een idee over het graf.”
De pasgeborene wordt in een wit laken gewikkeld. Hij wordt in een wieg gezet waar hij niet in beweegt. Op dezelfde wijze wordt de dode in een wit laken omhuld, het laatste kleed dat hij in deze wereld zal dragen. Hij zal in de wieg van de aarde verblijven tot de Dag des Oordeels. De twee engelen zullen hem bewegen door te zeggen: “Wie is jouw Heer? Wat is jouw Godsdienst? Wie is jouw Profeet?”
Dan zal de goede daad, die zijn metgezel in het graf zal zijn, hem bewegen. Hij zal niet ophouden met bewegen totdat het Uur zal komen. Ofwel zal pijn hem doen bewegen, ofwel geluk.

 

EEN GESPREK MET HET GRAF:

Volg dit gesprek tussen ar-Rafi’i en het graf. Hij zei:
“Ik vroeg aan het graf: “Waar zijn de bezittingen en rijkdommen? Waar is de charme en de schoonheid? Waar is de gezondheid en de kracht? Waar is de ziekte en de zwakte? Waar is de macht en het gezag? Waar is de volgzaamheid en vernedering?”

Ze zei tegen mij: “De zaken waarover jij het hebt, zijn denkbeeldig. Al die zaken hebben geen fysisch leven hier. Alles stopt daar, in die grafkuil: lachen en glimlachen, ruzies en kreten, koppigheid en hoogmoed, hoop en hebzuchtigheid, oprechtheid en uiterlijk vertoon, trots zijn op zijn status of schoonheid, trots zijn op zijn volk of afkomst, trots zijn op zijn kracht en intelligentie, de onrechtvaardigheid van degenen die onrecht doet en de vernedering van degene die vernederd werd. Het verleidelijke gezicht, de onrechtvaardige hand, de leugenachtige tong, het verraderlijke oog en het harde hart zullen veranderd worden in rotte beenderen.
Alleen de (goede) daad zal overblijven.
Munkar en Nakir zullen hem gedurende een tijdje vergezellen; de tijd om hem te ondervragen. Dan zullen ze weggaan en hem achterlaten met deze laatste metgezel: de daad.

Overal waar de mens gaat, wordt hij achtervolgd door vragen: Wat is jouw naam? Wat is je werk? Wat zijn je professionele kwalificaties? Wat is je leeftijd? Wat is je situatie? Wat zijn je bezittingen? Hoe is je gezondheid? Van welk land ben je afkomstig? Wat is je mening? Wat zijn je verwachtingen? Wat zijn je doelen?
Deze vragen bestaan niet in het graf zoals de menselijke talen niet in de mond van een stomme bestaan. De enige vraag die er in die plaatst gesteld wordt, is de volgende:

“Welke daad heb je verricht?” (Einde citaat)

Het zal een daad zijn die zijn graf in een tuin van het Paradijs zal veranderen, of het zal een daad zijn die zijn graf in een put van de Hel zal omvormen – Moge Allah ons daartegen beschermen.

 

Beste broeders en zusters:

Al de zaken die ik zojuist heb geciteerd, worden alleen aanvaard door een oprechte gelovige die in Allah en de Laatste Dag geloof en die oprecht gelooft in de bestraffing en de gunsten van het graf. We leven in een tijdperk waar de overgrote meerderheid van de moslims vele geloofszaken over het hoofd zien. Ze twijfelen zelfs over bepaalde geloofsbeginselen. Daarom zullen we hen herinneren aan de principes van ons geloof.

 

De foltering en de geneugten van het graf (bewijzen uit de Qur’aan):

1)  “En als jij zou kunnen zien hoe (het gaat met) de onrechtvaardigen in doodsstrijd en hoe de engelen hun handen naar hen uitstrekken (terwijl zij zeggen): “Geef jullie zielen op! Vandaag worden jullie beloond met de bestraffing van de schande vanwege wat jullie aan onwaarheid over Allah plachten te zeggen en vanwege wat jullie van Zijn verzen hoogmoedig plachten te verwerpen.” (Qur’aan – Al-An’am -93)

Ibn al-Qayyim zei: “Dit is een toespraak die naar hen wordt gericht op het moment dat ze sterven. De engelen, de waarachtige wezens, lichten hen in dat ze op dat ogenblik een schandelijke bestraffing zullen ondergaan Als deze straf tot het einde van de wereld uitgesteld zou worden, dan zouden ze niet gezegd hebben: “Vandaag worden jullie beloond met de bestraffing van de schande”.

2)  “Allah beschermde hen toen voor het slechte wat zij hadden beraamd, terwijl de ergste bestraffing Fir’awn en zijn volgelingen omsingelde. Zij zullen ’s ochtends en ’s avonds voor de hel worden geplaatst. En op de dag waarop het Uur valt (zegt Allah tegen de engelen): “Laat Fir’awn en zijn volgelingen de hardste bestraffing binnengaan!” (Qur’aan- Ghafir- 45-46)

Allah heeft aan de hand van dit vers de bestraffing van de twee verblijfplaatsen op een zodanige manier geciteerd dat er geen interpretatie meer mogelijk is.

3)  “Laat hen maar totdat zij hun Dag ontmoeten waarop zij door de bliksemslag getroffen zullen worden. Op die Dag zal hun list niet baten, en zij zullen niet worden geholpen.” (Qur’aan – At-Thur -45-46)

Het kan zijn dat men met  de bestraffing in dit vers hun terdoodbrenging of iets dergelijks bedoelt. Het kan ook zijn dat men hun bestraffing in al-Barzakh (wereld tussen de dood en de verrijzenis) bedoelt, want velen onder hen sterven zonder een straf in deze wereld te ondergaan.

Men kan ook zeggen (en dit is hoogstwaarschijnlijk de juistere betekenis): Degenen onder de onrechtvaardigen die stierven, zullen een straf in al-Barzakh ondergaan en degenen die nog leven zullen een straf krijgen in deze wereld door hun terdoodbrenging of een ander middel. Het is dus een dreigement waarin ze bestraft zullen worden in het wereldse leven en al-Barzakh.

4)  “Allah versterkt (het geloof van) degenen die geloven met de standvastige uitspraak (de geloofsbelijdenis) tijdens het wereldse leven en in het hiernamaals”. (Qur’aan- Ibrahim- 27)

In al-Bukhari, Muslim en andere boeken overlevert al-Bara ibn ‘Azib dat de Boodschapper van Allah (sws) gezegd heeft:
“Als de gelovige de ondervraging van de engelen in zijn graf ondergaat, getuig hij dat er geen God is dan Allah en dat Mohammed de boodschapper van Allah is.”

In een andere versie staat: “Dit vers werd geopenbaard in verband met de bestraffing van het graf. Er zal hem gezegd worden: “Wie is jouw heer? “ Hij zal antwoorden: “Mijn Heer is Allah, mijn religie is de Islam en mijn Profeet is Mohammed.” Dit is de uitleg van het woord van Allah: “Allah versterkt (het geloof van) degenen die geloven met de standvastige uitspraak (de geloofsbelijdenis) tijdens het wereldse leven en in het hiernamaals. En Allah laat de onrechtplegers dwalen en Hij doet wat Hij wil.”

Ibn ‘Abbas zei: “De vragen die in het graf worden gesteld zijn: “Wie is jouw Heer? Wat is je religie? Wie is jouw Profeet?” Op de Dag van de Verrijzenis zullen dezelfde vragen worden gesteld.”

5)  “…en voor hen is een scheiding (Barzakh) tot de dag waarop zij opgewekt worden.” (Qur’aan- Al Mu’minum- 100)

Als men het over de bestraffing en geneugten van het graf heeft, dan gaat het over al-Barzakh. Deze wereld bevind zich tussen deze wereld en het hiernamaals. De bewoners van al-Barzakh hebben een zicht op deze wereld en het hiernamaals.

Men heeft het over de bestraffing en geneugten van het graf, want een begraafplaats kan ofwel een paradijselijke tuin zijn of een kuil van de hel. Iemand die gestorven is aan een kruisiging, verbranding, verdrinking of door roofdieren verslonden werd, zal in al-Barzakh het deel van de bestraffing of de geneugten krijgen dat hij verdient in functie van zijn daden.

De foltering en de geneugten van het graf (bewijzen uit de soenna):

De bewijzen zijn talrijk. Hier volgen enkele:

1)  In het authentieke boek van al-Bukhari overlevert ‘A’isha dat er op een dag een joodse vrouw bij haar binnenkwam. Tijdens hun gesprek vermeldde deze laatste de bestraffing van het graf en ze zei: “Moge Allah jou beschermen tegen de bestraffing van het graf!” A’isha vroeg de Boodschapper van Allah (sws) over de bestraffing van het graf en hij zei: “Inderdaad, de bestraffing van het graf is een feit.” A’isha zei: “Vanaf die dag heb ik de Boodschapper van Allah geen gebed zien bidden zonder dat hij bescherming zocht tegen de bestraffing van het graf.”
(Al-Bukhari)

2)  De imam Muslim rapporteert op gezag van ‘Urwa ibn az-Zubayr dat ‘A’isha gezegd heeft: “De Boodschapper van Allah (sws) kwam bij me binnen terwijl er een Joodse vrouw bij me was die zei: “Ben je er bewust van dat jullie beproefd zullen worden in jullie graven?” A’isha zei: “De Boodschapper van Allah bibberde en zei: “Het zijn eerder de Joden die zulke beproevingen zullen doorstaan.”
‘A’isha ging verder: “Enkele dagen later zei de Boodschapper van Allah tegen me: “Weet je wel dat er mij geopenbaard werd dat jullie beproefd zullen worden in de graven?”
‘A’isha zei: “Sinds die dag hoorde ik de Boodschapper (sws) bescherming zoeken tegen de marteling van het graf.”
(Muslim)

3)  Abu Ayyub overlevert:
“De Profeet (sws) ging naar buiten. De zon was al ondergegaan. Plotseling hoorde hij een stem en zei: “Het zijn ongelovige Joden die in hun graf worden bestraft.”
(Al-Bukhari)

4)  Ibn ‘Abbas levert over dat de Profeet (sws) twee graven passeerde en zei:
“Deze twee doden worden op dit moment gestraft, en het is echter niet omwille van een ernstige reden. Wat betreft één van hen, hij reinigde zich niet van zijn urine. De andere hield zich bezig met lasterpraatjes.”
Daarna had hij gevraagd naar een bladloze tak van een groene palmboom. Die brak hij in twee en plantte elk van de twee stukken in ieder graf. De metgezellen vroegen: “O Boodschapper van Allah, waarom heb je dat gedaan?” Hij antwoordde: “Misschien zal hun bestraffing worden verlicht, zolang deze twee takken niet uitdrogen.”
(Al-Bukhari)

5)  Imam Muslim overlever dat Zayd ibn Thabit gezegd heeft:
“Op een dag vergezelden we de Profeet (sws) in een tuin van Banu an-Najjar toen zijn muildier opsprong en hem bijna liet vallen. We stelden vast dat er zes graven op zijn weg lagen (of misschien 4 of 5).”
De Profeet (sws) vroeg: “Weet iemand van wie deze graven zijn?” Een man antwoordde: IK! Hij zei: “wanneer zijn ze gestorven?” De man zei: Ze zijn gestorven in de tijd van het polytheïsme. De Profeet zei: “Voorwaar, deze gemeenschap zal in zijn graf worden beproefd. Was het niet dat jullie elkaar begroeven, dan had ik Allah gevraagd om jullie (het geluid) van de foltering van het graf te laten horen zoals ik ook er een gedeelte van kan horen.”
Toen draaide hij zijn gezicht naar ons en zei: “Vraag aan Allah dat Hij jullie beschermt tegen de straf van de Hel.” Ze zeiden: We zoeken bescherming bij Allah tegen straf van de Hel. Hij (sws) zei: “Vraag aan Allah dat hij jullie beschermt tegen de bestraffing van het graf.” Ze zeiden: We zoeken bescherming bij Allah tegen de bestraffing van het graf.
De Profeet zei: “Vraag aan Allah dat Hij jullie beschermt tegen de zichtbare en verborgen beproevingen.” Ze zeiden: We zoeken bescherming bij Allah tegen de zichtbare en verborgen beproevingen. Hij (sws) zei: “Zoek toevlucht bij Allah tegen de antichrist”. Ze zeiden: We zoeken toevlucht bij Allah tegen de antichrist.

Imam al Qurtubi zei: “De muilezel sprong op omdat die de stem van de gestraften hoorde terwijl de wezens onder de djinns en de mensen die een verstand hebben die niet kunnen horen. De Profeet (sws) heeft inderdaad gezegd:
“Was het niet dat jullie elkaar begroeven, dan had ik Allah gevraagd om jullie te laten horen wat ik hoor van de foltering van het graf.”
(Muslim)

Allah heeft een sluiter tussen ons en de bestraffing van het graf gezet omwille van een reden die voortvloeit uit Zijn volmaakte wijsheid en op grond van Zijn goedgunstigheid ten opzichte van ons. De bedoeling ervan is dat we die straffen niet waarnemen zodat we elkaar rustig en zonder angst kunnen begraven. Laten we ons voorstellen dat we de bestraffing van de hel konden horen. Dan zouden we bevangen worden door angst en dan zouden we het lef niet hebben om dicht bij de graven te komen en onze doden te begraven. Een levend wezen zou van slag zijn als hij het geluid van de bestraffing zou horen, want niemand kan het aan om maar een klein deel van Allah Zijn bestraffing in dit wereldse leven aan te horen. Zie je zelf niet dat mensen flauwvallen wanneer ze een luide knal van een donder of het geluid van een aardbeving horen? Wat is de donder vergeleken met het gegil van een gekwelde als hij slagen krijgt toegebracht met de hamer van de engelen?

De Profeet (sws) zei tijdens een begrafenisstoet:
“Als er een doodskist wordt gebracht en de mannen die op hun schouders plaatsen, dan zegt de kist als het om een vrome persoon gaat: “Haast jullie om mij weg te dragen!” Als het daarentegen om een niet-vrome persoon gaat, dan zegt de kist tegen zijn medemens: “Wee mij! Waar brengen jullie mij naartoe?” Deze stem wordt door iedereen gehoord, behalve door de mens. Als hij die zou horen, dan zou hij erdoor sterven.
(Al-Bukhari)

Als dit de toestand van de dode is terwijl hij nog op de schouders van de mannen ligt en noch stoot of straf heeft gekregen, wat zal dan zijn toestand zijn als hij in zijn graf de toorn van Allah over zich krijgt en zijn bestraffing geïntensifieerd wordt? We vragen aan Allah om Zijn bescherming, Zijn vergeving, Zijn ruimhartigheid, Zijn barmhartigheid en Zijn goedgunstigheid, want Hij is de Barmhartige en de Weldoener.

6)  Imam Muslim rapporteert in een lange hadith dat de Profeet (sws) Jabir riep nadat hij zijn behoefte achter een boom had gedaan. “O Jabir, weet je waar ik me bevind?” Ik antwoordde: “Ja, o Boodschapper van Allah.” Hij (sws) zei: “Ga naar die twee bomen en hak van elke boom een tak af. Kom daarna naar mij. Als je je eenmaal op mijn plaats bevindt, gooi dan een tak aan je rechterkant en één aan je linkerkant.”

Jabir zei: “Ik stond op. Ik nam een steen, ik brak die stuk en vijlde die totdat hij scherp werd. Toen ging ik naar de twee bomen. Ik hakte van elke boom een tak af. Ik sleepte die mee tot de plaats waar de Boodschapper van Allah zich bevond (op dat moment stond de Profeet daar niet meer). Ik gooide een tak aan mij rechterkant en één aan mijn linkerkant. Toen ik de Profeet later inhaalde zei ik: “O Boodschapper van Allah, ik heb gedaan wat je mij had opgedragen. Wat is de reden daarvoor?” Hij (sws) antwoordde: “Ik ben langs twee graven gegaan waarvan bewoners bestraft werden. Ik wou door middel van mijn bemiddeling, dat de straf lichter voor hen werd zolang die twee takken niet uitdroogden.
(Muslim)

 

7)  Anas overlevert dat de Profeet (sws) heeft gezegd:
“Als de dienaar van Allah in zijn graf wordt gelegd en zijn metgezellen weggaan (de dode hoort zelfs het geluid van hun schoenen), komen er twee engelen naar hem en doen hem zitten. Ze vragen hem: “Wat zeg je over die man, Mohammed (sws)? Hij antwoordt: “Ik getuig dat hij de dienaar en Boodschapper van Allah is.” Er wordt hem dan gezegd: “Kijk naar je plaats in de Hel. Allah heeft die gewisseld met een plaats in het Paradijs.” De Profeet zei: “Dan zal hij de Hel en het Paradijs gezamenlijk zien. De ongelovige of de hypocriet zal daarentegen (op de vragen) antwoorden: “Ik weet het niet! Ik herhaalde gewoonweg wat de mensen zeiden.” Er zal hem gezegd worden: “Je hebt helemaal niet geweten en je hebt (de Qur’aan) helemaal niet gelezen.” Dan zal men hem op zijn hoofd slagen met een hamer van ijzer. Op dat moment zal hij een kreet voortbrengen die iedereen zal horen die hem omgrensd, behalve de mensen en de djinns.”
(Al-Bukhari)

 

8)  De Profeet (sws) vroeg Allah in vele situaties om het te beschermen tegen de straf van het graf. Hij stimuleerde zelfs zijn metgezellen om regelmatig hetzelfde te doen.

* Musa ibn ‘Uqba zei: “De dochter van Khalid ibn Sa’id ibn al-‘As overleverde mij dat ze de Profeet (sws) aan Allah hoorde vragen om hem te beschermen tegen de straf van het graf.
(Al-Bukhari)

* ‘Amr ibn Maymun al-Awdi vermeldt dat Sa’d ibn Abi Waqqas de volgende woorden aan zijn kinderen onderwees zoals de meester jonge leerlingen leerde schrijven. Hij zei: “De Boodschapper van Allah (sws) zocht na elk gebed bescherming tegen de volgende zaken: “O Allah, ik zoek bescherming bij U tegen lafheid, ik zoek mijn toevlucht bij U tegen het feit dat ik wordt teruggebracht naar de leeftijd van achteruitgang, ik zoek bescherming bij U tegen de verleiding van het wereldse leven en ik zoek toevlucht bij U tegen de marteling van het graf.”
(Al-Bukhari)

* Abu Hurayra zei: “ De boodschapper van Allah (sws) zei:
“Wanneer iemand van jullie klaar is met de tashahhud (de getuigenis aan het einde van het gebed), laat hem dan bescherming vragen aan Allah tegen vier zaken. Hij moet zeggen: “O Allah, voorwaar, ik vraag U om mij te beschermen tegen de foltering van de Hel en de marteling van het graf, de beproeving van deze wereld en de dood en het onheil van de antichrist.
(Muslim)

Op het moment zelf dat ik deze zinnen schrijf, schiet mij een merkwaardige gedachten binnen: Degenen die de marteling van het graf ontkennen, gebruiken niet deze overleveringen (ik bedoel de beschermende smeekbeden na de tashahhud in het gebed).
Werkelijk, als ze niet aan Allah vragen om hen te beschermen tegen de voorgenoemde beproevingen, dan betekent het dat ze aan het wegzinken zijn in een modderpoel. In mijn ogen werden hun harten van die smeekbeden afgewend zodat Allah hun de facto kan straffen. En voorwaar, Allah heeft Zijn geheime redenen ten opzichte van Zijn schepselen. Allah is Verheven!

| De uitspraken van de vrome voorgangers en geleerden in verband met de foltering van het graf.

1) Ibn ‘Abbas rapporteerde: “Toen Umar ibn al-Khattab werd neergestoken, ben ik bij hem binnengegaan. Ik zei hem: “Verheug je op het Paradijs, o leider der gelovigen! Je hebt je tot de Islam bekeerd in een periode waarin de mensen ongelovig waren. Je hebt gevochten aan de zijde van de Boodschapper van Allah (sws) toen de mensen hem in de steek hadden gelaten. Bovendien verliet de Boodschapper van Allah deze wereld terwijl hij tevreden was met je. Je werd ook unaniem tot khalief benoemd en je gaat sterven als een martelaar.”
Hij zei tegen me: Herhaal voor mij wat je zonet hebt gezegd.” En dat deed ik ook. Toen zei hij: “Ik zweer bij Allah, de Enige die het verdient om aanbeden te worden, als ik zoveel goud en zilver had als de aarde kan dragen, dan had ik dat gebruikt om me vrij te kopen van de gruwelijkheid van de volgende etappe (het graf)”.
(Al-Bukhari)

2) Toen ‘Uthman naast een graf stond, huilde hij totdat zijn baard nat werd. Op een dag vroeg iemand aan hem: “Als men over het Paradijs en de Hel praat, huil je niet, maar het graf doet je in tranen uitbarsten?” Hij antwoordde daarop: “De Boodschapper van Allah (sws) zei: “Het graf is de eerste etappe van het hiernamaals. Degene die het veilig doorstaat, zal gemakkelijk de volgende stadia overbruggen. Degene die niet aan haar marteling ontsnapt, moet zich aan iets erger verwachten.” De Boodschapper van Allah zei ook: “Ik heb nooit een scene gezien die afschuwelijker is dan die in het graf.”
(At-Tirmidhi)

3) Ibn Mas’ud zei: “Men zal iemand van jullie in zijn graf doen zitten onder dwang en men zal tegen hem zeggen: “Wie ben je?” Als hij een gelovige is, zal hij antwoorden: “Ik ben de dienaar van Allah, dood en levend. Ik getuig dat er geen God is buiten Allah en ik getuig dat Mohammed zijn dienaar en Boodschapper is.” Er zal hem ruimte worden gegeven in zijn graf zoveel Allah wil. Dan zal hij zijn plaats in het Paradijs zien en zal men een Paradijselijk kleed op hem laten neerdalen waarna hij die zal dragen. Men zal daarentegen tegen de ongelovige zeggen: “Wie ben je?” “Ik weet het niet,” zal hij antwoorden. Dan zal men tegen hem zeggen: “Je hebt helemaal niet geweten en je hebt de Qur’aan helemaal niet gelezen.” Dan zal men zijn graf doen inkrimpen totdat zijn ribben ineenstrengelen (of tegen elkaar stoten). Vervolgens zal men langs de kanten van zijn graf slangen naar hem sturen die hem zullen bijten en zijn huid zullen villen. Bij elke gil zal men hem op zijn hoofd slaan met hamers uit ijzer en vuur.”

4) Abu Musa al-Ash’ari zei: “Als ik doodga, graaf dan mijn graf zo diep mogelijk in de grond.” Hij voegde eraan toe: “De ziel van de gelovige verlaat het lichaam en heeft op dat moment een geur die heerlijker is dan muskus. De engelen die de geest nemen, doen hem stijgen naar de Hemel. Andere engelen, die zich juist onder de hemel bevinden, vangen hen op en vragen: “Wie is er met jullie?” “Die persoon”(de engelen noemen uitdrukkelijk zijn naam op), antwoorden ze. Op dat ogenblik zullen ze over hem spreken door zijn beste daden te vermelden. Dan zeggen de engelen: “Moge Allah jullie groeten en degene die bij jullie is.”
Daarna zullen de poorten van de Hemelen voor hem opengaan; zijn gezicht zal stralen. Als hij bij de verheven Heer aankomt, wordt zijn gezicht zo stralend als de zon.
Hij ging verder: “Wat betreft de andere, zijn ziel zal naar buiten gaan en stinkt op dat moment nog harder dan een kadaver. De engelen die de geest grijpen, doen hem stijgen naar de Hemel. De engelen die zich onder de Hemel bevinden vangen hen op en vragen: “Wie is er met jullie?” “Die persoon”, antwoorden ze. Dan zullen ze over hem spreken door zijn slechtste daden te vermelden. Dan zeggen ze: “Breng hem terug! Breng hem terug! Allah heeft hem helemaal geen onrecht aangedaan. Toen reciteerde Abu Musa Allah Zijn woorden:
“En de eerste van hen zal tot de laatste van hen zeggen: “Jullie zijn niet boven ons begunstigd, proef daarom de bestraffing vanwege hetgeen jullie plachten te verrichten. Voorwaar, degenen die onze verzen loochenen en zich er hooghartig van afwenden: de poorten van de Hemel zullen voor hen niet worden geopend, en zijn zullen het Paradijs niet binnengaan, totdat de kameel door het oog van de naald gaat” (Qur’aan- Al-A’raf 39-40)

5) ‘Umayr ibn Salama zei: “Toen Abu ad-Darda ziek was, kwam een man hem bezoeken. Hij zei: “O Abu ad-Darda, je hebt niet lang meer om te leven. Raad me een zaak aan die me zal baten met de wil van Allah en waarmee ik je naam zal vereeuwigen.” Hij zei: “Weet dat je deel uitmaakt van de wereld van de gezonde mensen. Daarom, onderhout het gebed, betaal de zakaat uit het geld dat je bezit als je er voldoende hebt, vast gedurende de Ramadan en vermijdt verderfelijke daden. Als je al deze zaken doet, verheug je dan.” De man vroeg om meer raadgevingen waarna Abu ad-Darda zei: “Ga zitten en denk goed na over wat ik je ga vertellen. Wat is je mening over een dag waarin je slechts een kleine aardoppervlakte ter grootte van twee el in de breedte en vier el in de lengte zult hebben en waarnaar je naasten, gezellen en broeders je zullen brengen terwijl ze geen afscheid van je willen nemen? Als ze eenmaal ter plaatse zijn, zullen ze je in de grafkuil plaatsen en die met bakstenen sluiten. Ze zullen een grote kwantiteit zand op je storten en je daarna verlaten. Vervolgens zullen twee zwarte, doodsbleke en ruwe engelen zich bij jou vertonen. Hun namen zijn Munkar en Nakir. Ze zullen jou doen zitten en vragen: “Wie ben je? Wat is je religie? Wat zei je over die man?” Als je antwoord: “Ik weet het niets, ik heb de mensen iets horen zeggen, en ik zei wat de mensen zeiden,” dan zal je bij Allah een helse val meemaken. Als je Antwoordt: “Mohammed is de Boodschapper van Allah, Hij heeft het Boek op hem door neerdalen ik heb in hem geloofd en in wat hij gebracht heeft,” dan zal je bij Allah ongedeerd eruit geraken, want je werd geleid. Je zult nooit voor deze beproeving kunnen slagen behalve als Allah je standvastig maakt en je de moeilijkheid en afschuwelijke scenes laat overwinnen die je zult zien.”

6) Sa’id ibn al-Musayyib rapporteerde dat Abu Hurayra het dodengebed had verricht en zei: “O Allah, ik zet hem onder Uw bescherming tegen de marteling van het graf.”

7) Ibn Abi Mulayka zei: “Ik hoorde ‘A’isha zeggen: “Men zal een kale slang naar het graf van de ongelovige sturen (een heel giftige slang) die zijn huid zal verslinden van kop tot teen. Daarna zal men hem terug met huid bedekken en zal de slang hem van kop tot teen opslokken. Vervolgens zal men hem terug met huid bekleden en zal de slang hem van kop tot teen verzwelgen. Dit zal zo blijven doorgaan.”

8) Umm Kharija, de slavin die werd vrijgekocht door Asma’ bint Abu Bakr, heeft eens de doodsstrijd van een vrouw bijgewoond. Asma’ bleef haar maar herhalen: “Je zult ondervraagd worden over jouw Heer en jouw Profeet.” Ze wou haar duidelijk maken dat ze standvastig moest blijven tijdens de ondervraging in het graf.

9) Ibn ‘Abbas zei over het woord van Allah: “Allah versterkt (het geloof van) degenen die geloven met de standvastige uitspraak (de geloofsbelijdenis) tijdens het wereldse leven en in het hiernamaals, en Allah laat de onrechtplegers dwalen” (Qur’aan- Ibrahim- 27):
“Als de dood zich bij de stervende aanbiedt, wonen de engelen dat moment bij. Ze groeten hem en kondigen hem het Paradijs aan. Als hij sterft, begeleiden ze zijn begrafenisstoet en sluiten zich bij de mensen aan om het dodengebed te voltooien. Als hij begraven wordt, doen ze hem zitten in zijn graf en men vraagt hem: “Wie is je Heer?” “Mijn Heer is Allah”, antwoord hij. “Wie is je boodschapper?” “Mohammed”, zegt hij. Men vraagt hem: “Wat is je geloofsbelijdenis”? Dan zal hij zeggen: “Ik getuig dat er geen God is buiten Allah en dat Mohammed Zijn dienaar en Boodschapper is.”
Op dat moment zal men zijn graf verruimen zover zijn zicht strekt.
Wat de ongelovige betreft, de engelen dalen neer en strekken hun handen uit naar hem (uitstrekken betekent in deze context slaan). Ze brengen hem slagen toe op zijn gezicht en rug terwijl hij zich in de doodsstrijd bevindt. Als hij in zijn graf wordt gelegd, doen ze hem zitten en vragen: “Wie is je Heer?” Op dat ogenblik weet hij niet wat hij moet antwoorden want Allah doet hem vergeten wat hij moest zeggen. Als er hem gevraagd wordt: “Wie is die Boodschapper die naar jou werd gestuurd”, zal de naam hem ontgaan. Hij zal hen geen enkel antwoord geven, want zoals Allah zegt: “… en Allah laat de onrechtplegers dwalen.”

11) Wat betreft het woord van Allah aan Zijn Profeet: “En als Wij jou niet sterk zouden hebben gemaakt, dan zou jij je bijna een klein beetje tot hen hebben geneigd. Dan zouden Wij jou een dubbel deel (van de bestraffing) van dit leven en een dubbel deel van de dood laten proeven. En jij vindt dan geen beschermer tegen Ons.” (Qur’aan- Al-Isra – 74-75)

12) Qatada zei: “De foltering van het graf bestaat uit drie derden: een derde is te wijten aan roddels, een derde aan lasterpraat en een derde aan urine.”

13) ‘Abdullah ibn ash_Shikhhir zei: “Toen een man ergens aan het stappen was, ontdekte hij een graf en hoorde de bewoner ervan roepen: “Au! Au!” Daarna ging hij ernaast staan en zei: “Jouw daden hebben je verraden en je hebt jezelf verraden.”

 

| De marteling en geneugte van het graf treft zowel de ziel als het lichaam.

Beste broeders en zusters:

Als je dit hebt begrepen, dan moet je weten dat de mensen van de soenna en de eenheid van mening zijn dat de marteling en geneugte van het graf zowel de ziel als het lichaam treft.
De sheikh van de Islam(eretitel) Ibn Taymiyya zei: “Men moet weten dat de vrome voorgangers van de gemeenschap en de imams van mening zijn dat de dode zich ofwel in een staat van geneugte of bestraffing kan bevinden. Dit treft zowel zijn ziel als zijn lichaam. De ziel van de overledene blijft na de afsplitsing van het lichaam vertoeven in de geneugte of de marteling en soms sluit ze zich aan het lichaam waardoor ze allebei van de geneugte genieten of de marteling ondergaan. Als de Dag der Opstanding dan aanbreekt, wordt de ziel terug naar het lichaam gebracht en de mens zal uit zijn graf opstaan om voor de Heer der werelden te verschijnen.”

Ibn Taymiyya heeft deze uitspraak onderbouwd met de hadith van al-Bara ibn Azib.
Hij zei: “In deze hadith zitten verschillende leerstellingen vervat, zoals het feit dat de ziel niet verdwijnt nadat hij zich van het lichaam heeft afgesplitst. Dit is in contrast met wat de afgedwaalde scholastieke theologen denken. De geest stijgt ook naar de Hemel op en daalt neer, wat in tegenstelling is met wat de filosofen zeggen. De ziel wordt terug naar het lichaam gebracht, de dode wordt in zijn graf aan een kruisverhoor onderworpen en ofwel geniet hij van de geneugte of ondergaat hij de foltering. Daarnaast manifesteren zijn goede en slechte daden zich in de vorm van een man met een mooi of lelijk gezicht.”

Ibn Taymiyya zei: “De teksten informeren ons dat de ziel samen met het lichaam van de geneugte geniet in het graf – als Allah het wil- , maar het is ook zo dat de ziel alleen kan genieten. De twee stellingen zijn uiteraard juist.

In zijn boek “Het gedenken van de dood” rapporteert Ibn Abi ad-Dunya dat Malik ibn Anas gezegd heeft: “Er werd me verteld dat de geest onafhankelijk is. Hij kan gaan waar hij wil.”

De sheikh van de Islam Ibn Taymiyya zei: “Dit komt overeen met de overleveringen die menen dat zielen zich in de omgeving van het graf kunnen bevinden. Mujahid bevestigt dat: “De ziel blijft zeven dage na zijn begraving op het graf van de dode. Gedurende die periode blijft ze onlosmakelijk op die plaats.” De ziel kan naar het lichaam worden teruggebracht voor een andere reden dan de ondervraging zoals de hadith bewijst die Ibn ‘Abdilbarr als authentiek heeft verklaard. Daarin zei de Profeet (sws):

“Er is geen man die langs het graf van een persoon gaat die hij in het wereldse leven kende en hem begroet, zonder dat Allah de dode zijn ziel teruggeeft zodat hij hem kan teruggroeten.”

In het boek As-Sunan van Abu Dawud en andere werken, vermeldde Aws ibn ath-Thaqafi dat de Profeet (sws) gezegd heeft:

“Voorwaar, jullie beste dag is vrijdag. Daarom vermeerder jullie gebeden voor me op de vrijdag overdag en ’s avonds, want jullie gebeden worden me voorgelegd.”
De metgezellen vroegen: “O Boodschapper van Allah, hoe kunnen onze gebeden jou worden voorgelegd terwijl je zand zult zijn?” De Profeet antwoordde: “ Allah heeft de aarde verboden om de lichamen van de Profeten te eten.”
(Abu Dawud)

Ibn Taymiyya zei: “Er bestaan vele overleveringen en Athar (Overleveringen afkomstig van de metgezellen) over dit onderwerp, maar de tijd laat ons niet toe om ze allemaal te vermelden. Deze teksten leggen uit dat de lichamen, die zich in het graf bevinden, van de geneugten kunnen genieten maar ook gekweld kunnen worden. Allah beslist daarover. De zielen blijven voortbestaan na de afsplitsing met het lichaam en kunnen of genieten of gefolterd worden.

Dit is de reden waarom de Profeet (sws) het bevel gaf om de doden te groeten. Er werd in al-Bukhari en andere traditionele boeken aangetoond dat de Profeet zijn metgezellen leerde om het volgende te zeggen bij een bezoek van een begraafplaats:

“Vrede zij met jullie, gelovigen die in deze plaats verblijven. Wij zullen ons, als Allah het wil, ongetwijfeld bij jullie voegen. Moge Allah genade hebben met de eersten van ons en de laatsten. Wij vragen Allah om ons en jullie welzijn te schenken. O Allah, onthoudt ons niet van hun beloning, beproef ons niet na hen, vergeef ons en vergeef hen.
(Muslim)

——————————————

Sheikh Ibn Taymiyya zei: “De sluier werd voor vele mensen opgeheven waardoor ze de kreten van de gemartelden in hun graven konden horen. Ze konden hen met hun eigen ogen zien terwijl ze in hun graven werden gefolterd. Vele Athar bevestigen dit. Er moet wel benadrukt worden dat het lichaam niet permanent wordt gemarteld.
Imam Muslim overleverde in zijn authentieke boek op gezag van Anas ibn Malik dat de Profeet (sws) de doden van het slagveld van Badr drie dagen achterliet. Daarna ging hij dicht bij hen staan en zei: “O Abu Jahl ibn Hisham! O Umayya ibn Khalaf! O ‘Utba ibn Rabi’a! O Shayba ibn Rabi’a! Hebben jullie (nu) gevonden wat Allah jullie werkelijk heeft beloofd? Wat mij betreft, ik heb werkelijk gevonden van wat mijn Heer mij beloofd heeft!”
Umar hoorde de Profeet en vroeg: “O Boodschapper van Allah, hoe kunnen ze jou horen terwijl ze kadavers zijn geworden?” Hij (sws) antwoordde: “Bij Degene die mijn ziel in Zijn hand houdt, zij horen zoals jullie horen. Het enige verschil is dat ze niet kunnen antwoorden.” Toen gaf hij het bevel om de doden voort te slepen en hen in één van de droge putten van Badr te gooien.”
(Muslim)

| Niemand ontsnapt aan Allah.

Sommige mensen uit het verleden dachten dat ze aan de bestraffing konden ontsnappen door hun lichaam te cremeren. Een deel van de assen werden dan in de zee uitgestrooid en een andere deel op het vasteland op een dag met een sterke wind.

Abu Sa’id al-Khudri overleverde dat de Profeet (sws) over een man uit het verleden sprak aan wie Allah rijkdom en nakomelingen gaf. Toen zijn dood naderde, zei hij tegen zijn kinderen: “Wat voor een vader was ik voor jullie?” “Een goede vader”, antwoordden ze.
Hij zei: “Ik heb niets goeds gedaan dat me bij Allah zou baten. Als ik bij Hem zou voorkomen, dan zou Hij me straffen. Luister goed naar me! Als ik sterf, verbrand me totdat ik een kool wordt en stamp me fijn. Strooi (mijn assen) uit op een dag waarin de wind fel waait.” Hij liet hen een belofte afleggen en ze hebben dat ook effectief gedaan. Toen zei Allah: “Wees”, en daar stond de man weer, rechtovereind. Allah zei tegen hem: “O mijn dienaar, wat heeft je aangezet tot wat je gedaan hebt.” Hij antwoordde: “De vrees die ik voor U draag.” Hierdoor vergaf Allah hem.”
(Al-Bukhari)

Geen enkele deel van het lichaam ontsnapt aan de marteling of geneugte van de barzakh. Al zou de dode op het hoogste punt van de bomen worden gehangen of tot as worden herleid en in een hevige wind worden uitgestrooid, dan zal hij nog steeds zijn deel van de kwelling van de barzakh krijgen.

Al zou de vrome man in een oven worden gegooid, zijn lichaam en ziel zullen hun deel van de geneugte ontvangen, en Allah zal het vuur van de oven transformeren in een bron van koelte en vrede zoals Hij voor de ongelovige lucht in vuur en samoem zal veranderen. Inderdaad, de vitale elementen in het universum en diens bezittingen zijn onderworpen aan hun Heer en Schepper. Hij beheert ze zoals Hij wil. Als Hij iets wil, is het niet moeilijk voor Hem om dat te krijgen. Alle zaken staan onder Zijn bevel, nederig en onderworpen aan Zijn macht. Iedereen die dit ontkent, verloochent de Heer der werelden en Zijn Heerschappij.

| Laten we bang zijn voor de gruwelijkheden van het graf.

Umar ibn ‘Abdulaziz zei op een dag tegen één van zijn metgezellen: “O jij! Ik heb de nacht doorgebracht door aan het graf en haar bewoner te denken. Als je het lijk drie dagen na de begrafenis zou zien, dan zou je het niet durven om het lichaam te benaderen, terwijl je broederlijk urenlange gesprekken met hem onderhield omdat je jezelf zo op je gemakt bij hem voelde. Je zal een verblijfplaats zien die wemelt van ongedierte en waarin etter vloeit. Je zal een lichaam zien die vanuit alle kanten door wormen wordt gepenetreerd, om maar niet te spreken over de stank en het versleten doodskleed, terwijl de dode daarvoor welgekleed was, lekker rook en propere kleren droeg.”

Er werd ook overgeleverd dat hij op een dag een begrafenisplechtigheid bijwoonde van één van zijn naaste. Plots liet hij de stoet hem voorgaan en bleef ver achter met zijn metgezellen. Sommige onder zijn vrienden zeiden: “O leider van de gelovigen, waarom ben je achtergebleven terwijl jij de voogd bent van de overledene?” Hij antwoordde: “Het graf dat zich achter mij bevond riep mij en zei: “O ‘Umar ibn ‘Abdulaziz! Wil je me niet vragen wat ik doe met de geliefden?” Ja,antwoordde ik. Ze zei: “Ik heb hun doodskleed versleten, ik heb hun lijken opengescheurd, ik heb hun bloed opgezogen en ik heb hun huid weggevreten.” “Wil je me niet vragen wat ik met hun gewrichten heb gedaan?” Ja antwoordde ik. “Ik heb hun schouders van hun armen afgesplitst, hun armen van hun onderarmen, hun onderarmen van hun handen, hun heupen van hun dijen, hun dijen van hun knieën, hun knieën van hun benen en hun benen van hun voeten.”

Toen huilde ‘Umar en zei: “Voorwaar, het verblijf op deze aarde is kort. Degene die zich er machtig in voelt, is in feite minderwaardig, en degene die zich er rijk in voelt, is in werkelijkheid arm. Hij die nog jong is, zal oud worden en elk levend wezen zal sterven. Laat de snelheid waarmee de wereld op jullie afkomt jullie niet misleiden terwijl jullie bewust zijn hoe snel hij weer vertrekt! De echte gedupeerde is degene die zich door zichzelf laat misleiden.
Waar zijn de inwoners die de steden in deze wereld bouwden, hun kanalen groeven en hun bomen plantten? Dit wereldse leven heeft hen bedrogen door hen te vertellen dat hun gezondheid geen beperkingen heeft. Op dat moment zullen ze bedrogen worden door hun kracht en zullen ze zich storten op zonden. Ze werden (en Allah is mijn getuige) door mensen benijd omwille van de opeengestapelde rijkdommen ondanks het feit dat ze gierig waren. Wat heeft de aarde met hun lichaam gedaan en de wormen met hun beenderen en gewrichten? Ze leefden in deze wereld op comfortabele bedden en over elkaar liggende tapijten, omringd door bedienden ten dienste van hun, goedaardige verwanten en helpende buren. Als je langs hen zou stappen, roep hen op. Nodig hen uit als je wilt. Voeg je bij hun bijeenkomsten en aanschouw de nabijheid van hun verblijfplaatsen. Vraag aan de rijken onder hen wat er van hun rijkdom is overgebleven. Vraag aan de arme onder hen waar zijn armoede is gebleven. Wat is er met de tongen gebeurd waarmee ze spraken en de ogen waarmee ze aangename zaken aanschouwden? Wat is er met hun fijne huid, mooie gezicht en zachte lichamen gebeurd? In welke staat hebben de wormen hun lijven gebracht? Ze hebben hun lichaamskleur dof gemaakt, hun huid eraf geknabbeld, de schoonheid van hun gezicht weggeveegd, hun wervel gebroken en hun gewrichten uit elkaar gehaald.
Waar zijn hun kamerheren en portiers? Waar zijn hun bedienden en slaven? Waar zijn de bezittingen die ze verzamelden en hun schatten? Ik zweer bij Allah (dat men na de dood) geen tapijten zal uitrollen, geen hoofdkussen voor hen zal klaarzetten, geen bomen voor hen zal planten, hun graven niet zal inrichten om het hen comfortabel te maken.
Bevinden ze zich nu niet in een verlaten plaats? Is het niet zo dat de dag en de nacht op elkaar lijken voor hen? Liggen ze niet in de obscuriteit? Nu ligt er een barriere tussen hen en de verwezenlijking van goede daden en tussen hen en hun geliefden.

Hoeveel rijke mannen en vrouwen zijn van de ene dag op de andere kadavers geworden met beschadigde gezichte, kapotte lichamen en verscheurde gewrichten? Hun ogen liggen op hun wangen en hun mond zit vol met etter en bloed. Drukbezet en onvermoeibaar werken de parasieten in hun lichaam en herleiden hun lichaam tot stof.
De doden hebben weelderige tuinen achter zich gelaten. Nadat ze in uitgestrekte oorden hebben geleefd, leven ze nu in smalle plekken. Hun partners zijn hertrouwd en hun bezittingen werden onder de erfgenamen verdeeld.

Enerzijds heb je iemand die ruimte in zijn graf krijgt; zijn lichaam is fris en zijn gezicht straalt. Hij geniet van de geneugten. Dan heb je de andere die gefolterd wordt en geen ruimte in zijn graf krijgt. Hij heeft zoveel spijt dat hij zijn verplichtingen niet is nagekomen!

O jij, de volgende inwoner van het graf! Wat heeft jou in deze wereld verleid? Denk je dat je in dit leven zult blijven of dat deze wereld voor jou zal blijven? Waar is jouw grote huis en onuitputtelijke rivier? Waar is het lekkere rijpe fruit van jouw bomen? Waar zijn jouw fijne kleren? Waar is jouw parfum en wierook? Waar zijn jouw zomer en winterkleren?

Mediteer over de toestand van de stervende. Je constateert dat zijn uur is aangekomen en dat hij ze niet kan omzeilen. Hier ligt hij, zwetend en dorstig. Je ziet hem schudden tijdens de roes en kwelling van de dood. Het bevel is van de Hemel gekomen… De meest markante gebeurtenis van zijn lot is gekomen… Zijn uur is aangekomen!

O jij die de ogen van je stervende vader, broer of kind dichtmaakt.
O jij die hem ritueel wast. O jij die de dode in een lijkwade inwikkelt en hem draag.
O jij die hem in zijn graf achterlaat en weggaat. (Nu dat jouw beurt gekomen is), vraag ik me af wat je nu voelt wanneer je uitgestrekt op de oneffenheid van de aarde ligt. Ik vraag me af welke wang zich eerst gaat ontbinden en welk oog er eerst uit gaat vallen. O jij, buur van de stoffelijke overschotten, je ligt nu in hun plaats!

Ik vraag me af in welke toestand de engel des doods mij zal vinden wanneer ik me opmaak om deze wereld te verlaten; welk bericht ga ik van mijn Heer krijgen?”

 

Toen ging ‘Umar ibn ‘Abdulaziz weg en een week later stierf hij. Moge Allah barmhartig zijn met hem.

 

Beste broeder, zuster:

Beeld je dit moment in waarin je hart in de lucht zal zweven van vreugde en blijdschap. Beeld je aan de andere kant een moment in waarin je hart vol met verdriet en pijn zal zijn. Denk aan het graf, waar gruwelijkheid, de angst die de twee engelen inboezemen en de vragen die ze jou zullen stellen in verband met jouw geloof in Allah. Je zult tot één van deze twee groepen behoren: ofwel tot zij die door Allah onwankelbaar worden gemaakt door het woord van de waarheid, ofwel tot de twijfelaars die aan hun lot worden overgelaten.

Beeld je het moment in waarin je hun stemmen hoort, zij jou opdragen om recht te zitten en jou bevelen om gehoor te geven aan hun vragen. Stel je jezelf voor, zittend in jouw smalle graf, met een lijkwade die van je schouders is gevallen. Je kijkt met je uitpuilende ogen naar hun uiterlijk en immense lichamen. Als je hen in een mooie fysieke verschijning ziet, dan mag je er zeker van zijn dat succes en vrede jou opwachten. Als ze daarentegen een lelijk voorkomen hebben, dan mag je overtuigd zijn dat je voorbestemd bent voor de vernietiging. Beeld je hun stemmen in, de toon waarmee ze jou aanspreken en hun vragen. Op dat moment zal je ofwel standvastigheid krijgen van Allah, ofwel zal Hij zich van jou afkeren.

Stel je voor dat je de vragen met overtuiging beantwoordt of met aarzeling en twijfel. Beeld je in dat de twee engelen naar je toekomen terwijl Allah je standvastig heeft gemaakt door middel van de waarheid. Probeer je voor te stellen hoe ze met hun voeten op de rand van je graf stampen totdat een opening richting het hellevuur opengaat. Stel je een doordringend, brandend en dreigend vuur voor. Beeld je in dat je je blik richt naar wat Allah je van heeft gered, terwijl je hart gevuld wordt met vreugde. Dan zal je de zekerheid verkrijgen dat je gered zult worden van de hel; jij, het zwakke wezen.

Stel je nu voor hoe de engelen met hun voeten op de rand van je graf stampen zodat ze een opening creëren naar de versieringen en geneugten van het Paradijs. Beeld je in hoe ze tegen je zeggen: O dienaar van Allah! Kijk naar wat Allah voor jou heeft voorbereid. Dit is jouw verblijfplaats, dit is jouw bestemming!” Stel je voor hoeveel vreugde je in je hart zult voelen wanneer je alle geneugten en pracht en praal zult zien, wetend dat je werd uitgekozen om er van te genieten!

Als je daarentegen het andere krijgt, stel je dan het tegengestelde van alle voorgenoemde zaken voor, met andere woorden de boosheid van de engelen en jouw grote teleurstelling wanneer je het volgende zult horen terwijl je naar het Paradijs kijkt: “Kijk naar wat Allah voor jou heeft verboden”, en wanneer je de volgende woorden zult horen terwijl je naar de Hel kijkt: “Kijk naar wat voor jou heeft klaargemaakt. Dit is jouw verblijfplaats en dit is jouw bestemming.”

Je loopt een enorm gevaar als jouw lot in het graf jou helemaal niet bezighoudt.

 

| De gruwelijkheden van het graf.

De  gruwelijkheden van het graf bestaan uit zes fasen:

1.  De toespraak van het graf.

2.  De druk van het graf.

3.  De engelen komen binnen.

4.  De ondervraging van de engelen

5.  De metgezel komt binnen.

6.  Een deur naar het Paradijs wordt geopend en één naar de Hel.

 

1| De toespraak van het graf

Vanaf het moment dat de mens in zijn graf wordt gelegd, zal het graf zelf hem toespreken. Stel, dierbare broeder of zuster, dat degenen die jouw begrafenisstoet hebben begeleid jou in jouw graf installeren. Ze doen het graf op je dicht. Ze gaan weg en laten jou achter in een angstaanjagende en verschrikkelijke sfeer. Ze laten jou liggen in een plaats waar duisternissen zich op elkaar hebben gestapeld. Als je jouw hand zou uitstrekken, zou je die niet kunnen waarnemen. Wat zal je reactie zijn, o dienaar van Allah?

Abu Hurayra vermeldde dat de Boodschapper van Allah (sws) achter een zwarte vrouw vroeg (of een jongeman) die de gewoonte had om de moskee te borstelen. Hij had haar een tijdje niet meer gezien. Men antwoordde hem dat ze gestorven was. “Waarom hebben jullie mij niet op de hoogte gebracht?” Zei de Boodschapper (sws).
De overleveraar zei: “Ze hechtten precies geen belang aan haar.”
“Toon mij haar graf.”, vroeg hen de Profeet (sws). Ze toonden hem haar graf waarop hij het dodengebed voor haar verrichte. Toen zei hij: “Deze graven zijn zeer duister voor haar bewoners, maar Allah verlicht ze omwille van het gebed dat ik voor hen heb gedaan.
(Muslim)

Moge Allah onze graven verlichten!

Was het maar zo dat deze realiteit zich alleen tot duisternis en eenzaamheid beperkte. Probeer je in te beelden dat je zelf in die situatie van eenzaamheid verkeert. Plots hoor je het geluid van een stem. Je draait naar links en naar rechts, maar je ziet rondom je alleen de muren van je graf. En ja, het zijn wel degelijk die muren die je roepen. Vreselijk, Hoe zal je je voelen als ze tegen je zeggen: “Je bent niet welkom!” Stel je deze slechte ontvangst voor in het begin van je reis. O mijn Heer, wees vergevingsgezind en goedgunstig jegens ons, want U bent de barmhartige en meest barmhartige!

Abu Sai’d al-Khudri zei: “De Boodschapper (sws) ging zijn gebedsplaats binnen en zag daar de mensen lachen. Hij zei tegen hen: “Als jullie de gewoonte hadden om de vernietiger van de vreugdes (de dood) te gedenken, dan zouden jullie de smaak van het lachen verloren hebben. Gedenk daarom vaak de vernietiger van de vreugdes. Er is geen dag die voorbijgaat zonder dat het graf praat. Ze zegt: “Ik ben de verblijfplaats die heimwee inboezemt. Ik ben de woonplaats van eenzaamheid. Ik ben het verblijf van zand, ik ben de verblijfplaats van wormen.”
Als de gelovige begraven wordt, zegt het graf tegen hem: “Je bent welkom. Onder degenen die op mij stapten, was jij degene die ik het liefste had. Nu dat je (via deze wereld) bij mij bent terechtgekomen en je in mijn schoot werd gelegd, zal je zien wat ik met je zal doen.” Er zal hem ruimte worden gegeven zover het gezichtsveld strekt en met zal voor hem een deur naar het Paradijs openen.
Als de verdorvene of ongelovige begraven wordt, zegt het graf tegen hem: “Je bent niet welkom. Onder degenen die op mij stapten, was jij degene die ik het meest haatte. Nu dat je (via deze wereld) bij mij bent terechtgekomen en je in mijn schoot werd gelegd, zal je zien wat ik met je zal doen.” Het graf zal kleiner worden voor hem totdat zijn ribben ineen zullen strengelen (de Profeet kruiste om dat moment zijn vingers). Allah zal zeventig immense slangen naar hem sturen. Als één van hen op de aarde zou spuwen, dan zou geen enkele plant nog groeien zolang deze wereld bestaat. Zij zullen zijn huid afkrabben en uitscheuren tot de dag dat men hem naar de Afrekening zal brengen.”
Toen zei de Profeet (sws): “Het graf is ofwel een tuin van het Paradijs of een kuil van de Hel. (at-Tirmidhi)

‘Abdullah ibn ‘Ubayd zei: “Er werd me gezegd dat de dode in zijn graf zit en het geluid van de schoenen hoort van diegenen die hem hebben weggebracht. De eerste die hem zal toespreken, is de kuil waarin hij ligt. Deze laatste zegt: “Wee jou, zoon van Adam! Heeft men jou niet gewaarschuwd tegen mij? Heeft men jou niet gewaarschuwd tegen mijn smalheid, duisternis, stank, gruwelijkheid en wormen? Dit is wat ik heb voorbereid voor jou. Wat heb jij voorbereid voor mij?”
(Ibn al-Mubarak)

Mijn broeder, mijn zuster, o stervelingen:

Zijn jouw hart, ziel en gevoelens aanwezig wanneer je deze tekst leest?
Stel je dan nu voor wat er daar op je staat te wachten. In welke staat zal je je bevinden in je graf? Wat zal je graf zeggen? Welke waarschuwingen geef je kuil op dit moment? Vandaag heb je een gouden kans. Herpak je voor dat de termijn vervalt. Herpak je voor dat het te laat is.

 

2| De druk van het graf.

Mijn broeder, mijn zuster, o stervelingen:

Er gebeuren afschuwelijke dingen in het graf. We kunnen het ons niet voorstellen of inbeelden. “De druk van het graf” zeggen is één ding, maar de werkelijkheid is iets anders. Enkel degene die deze gebeurtenis heeft meegemaakt, kan het omschrijven. Het is een druk die zo pijnlijk is dat de Boodschapper van Allah (sws) “SubhanAllah bleef zeggen toen S’ad ibn Mu’adh begraven werd totdat die druk afnam.

Deze lessen worden vele malen door de predikers herhaald, maar ze hebben niet het gewenste effect op de harten. Dat is echt betreurenswaardig. Dit komt omdat de meeste luisteraars niet ingaan op deze lessen, en degenen die erdoor geraakt worden veranderen niet hun gedrag. Het doel van deze leringen is dat het individu zijn gedrag verbetert en dat hij evolueert van de zonde naar het berouw, van onverschilligheid naar angst en hoop, van de kleine geest die zich tevredenstelt met deze wereld naar de open geest die het hiernamaals ambieert.

De smalheid van het graf is echt gruwelijk. Het ergste is dat niemand daaraan ontsnapt, of hij nu goed, slecht, jong of oud is. Onze Heer, verlicht voor ons de druk van het graf. Ameen.

‘A’isha heeft overgeleverd dat de Profeet (sws) gezegd heeft: “Voorwaar, de druk oefent een druk uit. Als er iemand aan kon ontsnappen, dan zou Sa’d ibn Mu’adh daaraan hebben ontsnapt.”
(Imam Ahmad)

Sa’d ibn Mua’dh was de meester van de stam van de Ansar en stierf als martelaar in de strijd van al-khandaq (de greppel) ten gevolge van een verwonding aan de arm veroorzaakt door een pijl. Zijn dood heeft de troon van de Barmhartige doen trillen. Als deze metgezel zijn deel van de druk van het graf heeft gekregen, wat zouden we dan moeten denken over de anderen? Laten we aan Allah bescherming vragen.

Niemand ontsnapt aan deze druk, noch de vrome noch de verdorvene. Het verschil tussen de twee is dat de ongelovige die druk de hele tijd zal ervaren en de gelovige niet. De druk van het graf betekent dat de zijdelingse muren van het graf naar elkaar toeschuiven.

Mediteer dus over de twee muren in het graf die dichter bij elkaar komen. Denk na over hoe de tombe smaller wordt en druk uitoefent op jouw ribben. Probeer, dierbare broeder en zusters, om je vandaag in dat gevoel in te leven. Zo zal je berouw tonen en zal je er morgen aan ontsnappen, hoewel men er niet helemaal aan kan ontsnappen. Iedereen zal dat meemaken, maar er is wel een enorm verschil tussen de gelovige en ongelovige.

Er werd gezegd dat er een wijsheid schuilt in de druk die de aardeoppervlakte uitoefent. De aarde is namelijk zoals een moeder voor de mensen, want ze werden uit zand geschapen en tot het zand zullen ze terugkeren. Na een lange afwezigheid komen de mensen terug bij hun moeder en worden ze omhelsd zoals een moeder haar kind omhelst. De aarde is Allah gehoorzaam en wordt kwaad wanneer ze ziet dat Hij kwaad is en is tevreden wanneer ze ziet dat Hij tevreden is: “En hij (de hemel) naar zijn Heer luistert en zijn plicht vervult.” (Qur’aan- Al-Insjiqaq-2)
Ze omhelst de gelovige met zachtheid en de zondaar met hardheid omdat ze kwaad is op hem.

Er zijn dus voor de Dag van de Opstanding gruwelijkheden waaraan noch een bondgenoot van Allah noch iemand anders ontsnapt, “Dan zullen Wij hen redden die (Allah) vreesden”. (Qur’aan- Maryam-72)
Aan de hand van deze uitleg wordt het duidelijk dat er geen contradictie is tussen de druk die het graf op Sa’d heeft uitgeoefend en het feit dat de Troon trilde bij zijn dood.

In deze hadith wordt duidelijk dat alle beproevingen die de gelovige moet doorstaan goed zijn voor hem, inclusief het eerste stadium van het hiernamaals welke het graf is. Het zal hem zuiveren van zijn zonden en hem verheffen in graden zoals de Goddelijke wijsheid dat vereist. Heb je niet gemerkt dat een beproeving de geestdrift van de ziel kalmeert, onderwerpt en inspireert om zich te onthouden van zaken waarnaar hij verlangt? Als de beproeving enkel als doel had om de mensen nederig te maken (ten opzichte van Allah), dan zou dat voldoende zijn, want nederigheid brengt Goddelijke steun met zich mee.

De mensen die zich op het pad van rechtschapenheid houden, ondergaan ook beproevingen in hun graf. Niet omdat ze zonden hadden gepleegd, maar wel omdat ze een beetje onachtzaam waren in bepaalde daden en deugdzaamheden. Dat zal hen verweten worden in het graf. Als dit het geval is, wat moeten we dan over onszelf zeggen, wij die vele zonden begaan en van een grote onachtzaamheid getuigen? Red ons, o onze Heer, red ons!

Abu Ayyub al-Ansari zei: “Op een dag werd een kind begraven en de Boodschapper van Allah (sws) zei: “Als er iemand kon ontsnappen aan de druk van het graf, dan zou dit kind daaraan hebben ontsnapt.
(at-Tabarani)

Volgens de letterlijke betekenis van de hadith ontsnapt niemand aan de druk van het graf, zelfs niet een kind. De profeten vormen hierop een uitzondering. Het enige wat we kunnen doen is Allah aanroepen en zeggen: “ O Heer! We zoeken bescherming bij U tegen de druk en de beproeving van het graf.”

Beste broeders en zusters:

Kruip in de huid van deze eenzame en zwakke mens in zijn graf. Nadat het graf jou heeft toegesproken en jouw hart zich met angst heeft gevuld, stel je plotseling en met onmacht vast dat de muren van jouw tombe naar elkaar toeschuiven. Daarna voel je hoe ze op je ribben drukken. Probeer je voor te stellen hoe Sa’d ibn Mu’adh zich in zijn graf voelde terwijl de Boodschapper (sws) SubhanAllah zei omdat hij ook die druk voelde.

Vraag je jezelf niet af of het graf jou zou omhelzen als een liefdevolle moeder, of zal het eerder een omstrengeling zijn waardoor je ribben zullen barsten? Wees je bewust van het feit dat de aarde jaloers is ten aanzien van haar Heer. Ze kan je hartelijk omhelzen als ze zich verheugt op haar ontmoeting met jou, maar ze kan je ook hevig tegen haar aan drukken als ze woest is op jou.

Wordt wakker, o dienaar van Allah! Bereid je voor en verricht vrome daden. Je zal ze in het hiernamaals terugvinden, eens je onder de aarde wordt begraven.

 

3| De engelen komen binnen.

‘Ata ibn Yasar zei: “De Boodschapper van Allah (sws) zei tegen Umar ibn al-Khattab: “O Umar. Wat zou je doen als je zou sterven en je naasten een graf voor je graven van drie el (één el is 45 á 56 cm.) op één el en één ‘shibr (een handomvang)? Daarna komen ze terug om je te wassen, te wikkelen in een lijkwade en te balsemen. Vervolgens dragen ze je tot je kuil, leggen je daarin en gooien aarde op je. Als ze weggaan, komen de twee bronnen van beproeving naar jou, namelijk Munkar en Nakir. Hun stemmen zijn zoals het lawaai van de donder en hun blik is zoals de bliksemflits. Ze slepen hun haren mee en doorzoeken het graf met hun hoektanden terwijl ze je ruw behandelen en tegen je grommen. Wat zal je op dat moment doen, o ‘Umar?”
‘Umar vroeg: “Zal ik bij mijn volle verstand zijn zoals ik dat nu ben?”
“Ja,” antwoordde de Profeet (sws).
‘Umar zei: “Dan zal ik ze aanpakken op een manier die jou bevalt.”
(al-Harith)

Mediteer, moge Allah je leiden, over hoe deze twee engelen jouw graf zullen binnekomen en probeer hun uiterlijk te visualiseren.

1.  Ze zijn zwart en somber.

2.  Ze slepen hun haren mee.

3.  Ze onderzoeken het graf met hun hoektanden.

4.  Hun stem lijkt op het lawaai van de donder.

Red ons, o onze Heer, red ons! We smeken U om standvastigheid want U bent de enige die dat kan schenken.

Bij Allah, als ze in een dorp van deze wereld zouden binnengaan, dan zouden alle bewoners sterven door hun afschuwelijk en huiveringwekkend uiterlijk. Wat zou je dan zeggen als ze jouw duistere graf zouden binnenkomen terwijl je helemaal alleen bent. Je bent machteloos, een prooi voor de eenzaamheid en triestheid. Heilig is Allah. Hoeveel gruwelijke zaken zal de mens niet tegenkomen. Ze zullen bij het begin van zijn dood beginnen. Er is geen vrede of toevluchtsoord tegen Allah alleen bij Hem. Buig je (voor je Heer) in de hoop dat hij jou versterkt en redt. “Allah versterkt  (het geloof van) degenen die geloven met de standvastige uitspraak (de geloofsbelijdenis) tijdens het wereldse leven en in het hiernamaals, en Allah laat de onrechtplegers dwalen en Allah doet wat Hij wil. (Qur’aan – Ibrahim- 27)

Vertel me eens, en moge Allah je getuige zijn, wat zal je doen als Allah je niet standvastig maakt en jou geen redding schenkt? Je zult je dan op een moeilijke confrontatie moeten verwachten als je de twee engelen zult zien en als ze bij jou zullen zijn om jou te ondervragen terwijl je bibbert van de angst. Wat zal je hen zeggen? De mens werd arm op de aarde gebracht, afhankelijk van zijn Heer. We geloven dat we enkel aan Hem zijn gebonden in deze wereld, maar in feite splitst deze staat van armoede en nood ten aanzien van Allah zich nooit af van ons. Ik denk niet dat een persoon Allah méér nodig heeft om hem standvastig te maken dan in het graf.

Beste broeder en zuster:

Denk je dat Allah, in je huidige toestand, je standvastig zal maken omdat je zijn geliefde bent, of zal Hij je vergeten zoals jij Hem vergeten bent? “De mens zal zelfs tegen zichzelf getuigen. Ook al biedt hij zijn verontschuldigingen aan.” (Qur’aan- Al-Qiyamah- 14/15)

4| De ondervraging door de engelen.

Wat betreft de ondervraging door de twee engelen, daarop kunnen we alleen het volgende zeggen: “Heilig is Degene die de harten standvastig maakt!”

Na de voorgenoemde gruwelijkheden (de toespraak van het graf, de druk van het graf en de twee engelen die binnenkomen) en terwijl de mens nog altijd in een schoktoestand verkeert, stromen de verrassingen één voor één bij hem binnen. De armoedzaaier wordt geïnterpelleerd door twee engelen die een huiveringwekkend uiterlijk hebben. Ze stellen hem met een vreemde stem een duidelijke, directe en nauwkeurige vraag: “Wie is jouw Heer?” Het antwoord van de verdorvene, hypocriet en ongelovige: “Ah…. Ah…. Ah….” Geeft je een duidelijk beeld van de verbijstering waarin ze zich bevinden.

Het is een duidelijke, nauwkeurige en directe vraag die nood heeft aan een onmiddellijk antwoord. “Wie is jouw Heer?” In het wereldse leven was je het gewoon om andere vragen te krijgen zoals: “Wat is jouw naam?” Wat is jouw land van herkomst? Wat is jouw beroep? Het is gedaan met al deze vragen! De vraag die je moet beantwoorden is: “Wie is jouw Heer?”

De vraag lijkt zó simpel. Om het even wie zou daarop kunnen antwoorden of het van de daken schreeuwen. Sommige kwakzalvers gaan aan een graf zitten om zogezegd het antwoord aan de overledene te leren. Ze zeggen: “Als de engel naar je toekomt en vraagt: “Wie is jouw Heer?” , antwoord dan: “Mijn Heer is Allah!”
Is het zo gemakkelijk? Arme mensen. Ze beseffen niet dat er in het hiernamaals andere normen en criteria gelden dan in deze wereld.

Wie is jouw Heer?
Eerlijk gezegd, het is tijd om nu op deze vraag te antwoorden.

Wie is jouw Heer?
Bij Allah, alleen degene die zijn Heer in deze wereld heeft gekend en aanbeden, zal het antwoord kennen. Het bewijs ligt in het antwoord van de hypocriet, verdorvene en ongelovige: “Ik heb de mensen iets horen zeggen en ik heb hetzelfde gezegd.”

Dierbare broeder en zuster:

Wie is jouw Heer?
Ken je Hem werkelijk?
Ken je Allah zo echt dat je Hem vreest alsof je Hem ziet?
Ken je Hem werkelijk waardoor je je aan Hem onderwerpt?
Ken je Hem zo echt waardoor je de behoefte voelt om berouw te tonen en naar Hem terug te keren?
Verlang je enkel naar Hem en vrees je enkel Allah?
Ken je Allah voldoende opdat je juist zou antwoorden op het moment waarin de engelen je deze vraag zullen stellen?

We weten allemaal dat Allah de Meester is van Goedgunstigheid. Geloof je oprecht dat elke gunst die je bezit enkel en alleen van Hem komt? Als dat het geval is, dan zal je in deze wereld een bewust leven leiden. Je zult Allah dankbaar zijn dat Hij de Meester van de voorziening en de gunst is en de mooiste lofprijzingen zijn voor Hem.

De engelen blijven de dienaar ondervragen, ongeacht of hij antwoordt of niet.

*Wat is jouw Godsdienst?

Inderdaad, welke Godsdienst heb je gevolgd? Aan welke religie onderwierp je jezelf en nam je de bevelen, normen en wetten in acht?
Welke Godsdienst leidde jou in elke beweging en rustmomenten in jouw leven?
Op welk geloof vertrouwde je in al je zaken tijdens moeilijke en gemakkelijke tijden?
Volgens welke, voor welke en in welke religie bracht je jouw leven door?
Alleen degene die de Islam heeft gekend en ernaar heeft geleefd, zal kunnen antwoorden op deze vraag.
De ondervraging gaat verder…

*Wie is jouw Profeet?

Heilig is Allah. Deze drie vragen lijken simpel en gemakkelijk wanneer we ze lezen:
“Wie is jouw heer? “Wat is jouw Godsdienst?” “Wie is jouw Profeet?”.
Wanneer je echter hun betekenis probeert te doorgronden zoals ik dat probeer doorheen deze zinnen, dan voel je dat ze diep in je graven, jouw geheimen uitgraven, en je diepste ik doorzoeken. Het zijn vragen die je geest dwingen om heel diep na te denken en je hart verplichten om scherpzinnigheid te tonen.

Wie is jouw Profeet?
Wie is de man die je in dit wereldse leven gevolgd hebt?
Wie is de man die je hebt gehoorzaamd en als leider hebt genomen?
Wie is de man die je als meester en leider hebt erkend?
Wie is de man die tussen jou en deze verblijfplaats bemiddelt?
Van welk individu heb je je geloofsovertuiging overgenomen en door wie heb je jouw doel kunnen bepalen en de weg kunnen vinden die ertoe leidt?
Van welke man heb je kennis genomen en van welke man neem je informatie aan?
Wie is jouw imam, meester, gids, professor, onderwijzer en voorbeeld?

Inderdaad, je kan het raden. Alleen de persoon die de Boodschapper van Allah, Mohammed heeft gekend, zal op deze vraag kunnen antwoorden. Vrede en zegeningen zij met de Profeet Mohammed die gezegd heeft: “De man zal verenigd worden met degenen van wie hij houdt.”
(Al-Bukhari)

Al wie van de Profeet (sws) houdt, zal met de Profeet zijn, want “… op de dag waarop Allah de Profeet en degenen die met hem geloven niet zal vernederen. Hun licht straalt vóór hen en recht van hen.” (Qur’aan – At-Tahrim – 8)

Degene die van acteurs en muzikanten houden, zullen met hen worden verenigd. Wie van actrices en zangeressen houdt, zullen met hun worden samengebracht. Zij die van ongelovigen, hypocrieten en atheïsten houden, zullen met hen worden verzameld. Denk na, dierbare broeder en zuster, waar zullen die mensen vertoeven? Als één van die meelopers de vraag zal krijgen van de twee engelen: “Wie is jouw Profeet?”, dan zal hij misschien antwoorden door een naam te geven van een bekende muzikant, stylist of acteur.

Elke persoon wiens hart verbonden is aan iemand van dit wereldse leven, met passie over hem praat en hem nadoet, zal die persoon hard nodig hebben om hem bij te staan.

Laat me je nemen naar de Profeet (sws), want hij zal ons vertellen wat het onmiddelijke resultaat is van deze grote beproeving. Hij (sws) zei: “Als de dienaar van Allah in zijn graf wordt gelegd en zijn naasten hem verlaten (hij zal zelfs het geklop van hun sandalen horen), dan zullen twee engelen naar hem toekomen. Ze laten hem zitten. Dan vragen ze: “Wat zei je over die man (Mohammed)?” Hij zal antwoorden: “Ik getuig dat hij de dienaar en Boodschapper is van Allah.” Er zal hem gezegd worden: “Kijk naar jouw plaats in de Hel. Allah heeft die voor jou omgeruild met een plaats in het Paradijs.” Op dat moment zal hij de plaatsen zien.”
Qatada (de overleveraar van deze hadith) zei: “Er werd ons verteld dat men zijn graf ruimer zal maken.” De Profeet (sws) ging verder: “Wat betreft de ongelovige of hypocriet, men zal hem vragen: “Wat zei je over die man?” Hij zal zeggen: “Ik weet het niet. Ik herhaalde gewoonweg wat de mensen zeiden.” Er zal hem gezegd worden: “Je hebt helemaal niet geweten en je hebt (de Qur’aan) helemaal niet gelezen.” Dan zal men hem op zijn hoofd slagen met een hamer van ijzer. Op dat moment zal hij en kreet voortbrengen die iedereen zal horen die hem omgrensd, behalve de mensen en de djinns.” (Al-Bukhari)

“Ik zei gewoonweg wat de mensen zeiden”.

Sta even stil bij deze zin. Dit is het excuus dat hij naar voren brengt; het resultaat van imitatie of gewoonte. Er is geen overtuiging of initiatief te bespeuren.

Geliefde broeder en zuster, geloof niet de woorden van de mensen. Reken echter op de waarheid. Leer die uit het hoofd en breng die in praktijk. Het zal je zeker baten in het hiernamaals.

Dit is een uitnodiging om islamitisch kennis te vergaren en om goede daden te verrichten. Om de antwoorden op deze vragen te kennen, moet je je niet alleen beperken tot de theorie, want die theorie moet omgezet worden in daden. Als je dat doet, dan zal je morgen slagen.

5| De metgezel komt binnen.

Weer een andere gruwelijkheid. De armoedzaaier. Hij krijgt niet eens de tijd om bij te komen van de angst die de twee engelen in hem hebben wakker gemaakt. Hij werd ondervraagd en na elk gegeven antwoord keek hij naar hun reactie. Plots wordt hij verrast door de ineenstorting van de muren van zijn graf. Een nieuwe metgezel wordt aangekondigd. Wie is het? … Wie is het?

Als de overledene een crimineel, zondaar, tiran, ongelovige, atheïst of hypocriet was, dan zal de nieuwkomer, overeenkomstig met de beschrijving van de Profeet (sws), een zwart gezicht hebben en zwarte kleren dragen. Hij zal stinken.

De schuldige vraagt hem: “Wie ben je toch?” Probeer je in te beelden hoe groot de schok is die deze afschuwelijke verrassing veroorzaakt. Stel je de vrees voor die de schuldige beroert wanneer hij roept: “Wie ben je?” Het is alsof hij zegt: “Wat staat er nog op mij te wachten? …. Wie ben je? … Ik heb er genoeg van! Genoeg! … Wie ben je?”

Leef je in deze scene in; een scene die her hart met angst vult…
Een wezen met een zwart, akelig en lelijk gezicht. Hoe kunnen slechte daden en zonden anders beschreven worden?

Een duister graf.. totale eenzaamheid.. de opeenvolging van gruwelijkheden.. angst voor het onbekende!

Voeg aan dit alles nog een nieuwkomer toe wiens gezicht en kleren zwart zijn. Inderdaad, zwarte kleren. Kan de mensheid zich met iets afschuwelijker kleden dan zonden? Als iemand een zonde begaat, wordt zijn hart zwart: “Nee! Wat zij plachten te doen heeft zelfs hun harten bedekt.” (Qur’aan- Al moethaffifin- 14)
De Boodschapper (sws) zei: “Als de gelovige een zonde begaat, komt er een zwarte vlek in zijn hart. (Ahmad, At-Tirmidhi)

Als de zonden jouw hart zwart hebben gemaakt, dan verschijnen ze in jouw graf onder de vorm van een zwart individu die zwarte kleren draagt. Op de Dag van de Opstanding zullen de gezichten ook zwart zijn. Zonden zijn echt afschuwelijk. Deze nieuwkomer geeft een walgelijke stank af. Voorwaar, zonden hebben een geur en iedereen in de omgeving kan die ruiken.

De daad komt dus bij hem binnen in zijn reële vorm; het onlichamelijke krijgt een fysisch gedaante. De schuldige is verrast door deze verschijning en gechoqeerd door de onverwachte wending. Hij vraagt: “Wie ben je?” Hij vraagt wie hij is terwijl hij zijn slechte daad is. Deze zwarte individu is zijn zonden, verlangens en ravages.

Als hij tot de gelovige behoorde, dan zal de nieuwkomer een wit gezicht hebben en witte kleren en parfum dragen. De moslim zal vragen: “Wie ben je?” ik heb nog nooit zo’n aangename geur geroken als die van jou.” Vervolgens zal de gelovige het eerste goede nieuws krijgen van hem: “Ik ben je goede daad.” Daarna krijgt hij het tweede goede nieuws: “Ik zal met je blijven tot de Dag van de Opstanding.”

Beste broeder en zuster:

Probeer nu je daden te belichamen. Geef ze een menselijke gedaante. Het moment is aangebroken om verantwoording te vragen aan je ziel en om een balans op te maken van je daden. Welke vorm zal deze persoon krijgen? Hoe zal hij eruit zien?

Je bedriegt jezelf als je hem een mooier gezicht geeft terwijl dat niet zo is. Wees bewust en weet dat degene die je in je graf zal vergezellen tot de Dag van de Opstanding de echte weergaven is van je daden.

Dierbare broeder en zuster, profiteer van het uitstel dat je gekregen hebt. Je kiest zelf jouw metgezel en jij beslist in hoeverre je hem mooi maakt. Zo zal je troost vinden bij hem tijdens jullie lange verblijf tezamen.

Eén van de ergste gruwelijkheden die men in het graf kan ervaren is het verrassende antwoord: “Ik ben jouw slechte daad.” Het toppunt van dit alles is dat hij zal zeggen: “Ik zal met je blijven tot de Dag van de Opstanding.”

Bij Allah, je zal het moeilijk krijgen als er een man naast je komt zitten die je haat en stinkt. Enkele minuten zullen een eeuwigheid lijken. Wat moet er dan gezegd worden over een man met een lelijk gezicht en een slechte lichaamsgeur. Hij dreigt om met jou te blijven tot de Dag der Opstanding.
We vragen redding en weerstand aan Allah.

 

6| Een deur naar het Paradijs wordt geopend en één naar de Hel.

Sommige mensen brengen hun leven door in leugens en hypocrisie. Ze hebben twee gezichten: één gezicht voor de mensen en het maatschappelijk aanzien, en één gezicht voor zijn eigen belang en verlangens. De Profeet (sws) zei: “Jullie zullen ontdekken dat de ergste mens bij Allah degene is die twee gezichten heeft” (Al-Bukhari) Bovendien zegt Allah: “En als zij degenen die geloven ontmoeten, dan zeggen zij: “Wij geloven.” Maar wanneer zij terugkeren naar hun satans (die hun leiders zijn) dan zeggen zij: “Voorwaar, wij staan aan jullie kant. Voorwaar, wij zijn slechts spotters. Allah spot met hen en laat hen rusteloos in hun overtredingen verkeren.” ( Qur’aan- Al-Baqarah- 14/15)

Ze zullen na hun dood een behandeling krijgen die in verhouding is met het gedrag dat ze vertoonden gedurende hun wereldse leven. De beloning of straf vloeit met andere woorden uit de daad zelf.

Vervolgens zal er voor hem een deur worden geopend naar het Paradijs. Hij zal juist genoeg tijd krijgen om naar haar kastelen te kijken en haar geur te ruiken. Dan zal men de deur dichtdoen en zeggen: “Dit zou je verblijfplaats zijn geweest als je Allah had gehoorzaamd.” Daarna zal er een deur naar de Hel worden geopend. Men zal hem zeggen: “Dit is jouw verblijfplaats, want je hebt Allah niet gehoorzaamd.”

Teleurstellingen en spijt verscheuren zijn hart. Het Paradijs wordt aan hem getoond en hij verlangt ernaar, maar in plaats daarvan wordt er hem een andere plaats aangeduid: de Hel.

Deze gebeurtenis is een voorsmaak van wat hem te wachten staat in het hiernamaals wanneer iedereen zijn deel van het licht zal krijgen. Allah zegt: “Gedenk de dag waarop jij de gelovige mannen en de gelovige vrouwen ziet. Hun licht straalt voor hun en rechts van hun. (Er wordt hun gezegd): “Deze dag is er een verheugend bericht voor jullie: Een tuin waaronder door de rivieren stromen, (jullie zijn) daarin eeuwig levend. Dat is de geweldige overwinning. Op die dag zullen de huichelaars en de huichelaarsters tegen degenen die geloven zeggen: “Wacht op ons zodat wij jullie licht gebruiken.” Er wordt gezegd: “Ga terug, achter jullie. Smeek om licht.” Er zal dan een muur tussen hen worden geplaatst, die een poort heeft: aan de binnenkant is er de barmhartigheid en aan de buitenkant is er de bestraffing. Zij (de huichelaars) roepen tot hen (de gelovigen): “Waren wij niet met jullie?” Zij zeggen: Welzeker, maar jullie brachten jezelf in verzoeking en jullie wachtten en jullie twijfelden en de ijdele wensen hebben jullie misleid, tot de beschikking van Allah bewaarheid werd. En de verleider (de satan) heeft jullie van Allah weggeleid. Op deze dag zal er van jullie geen losprijs worden aanvaard, en ook niet van de ongelovigen. Jullie verblijfplaats is de hel, jullie beschermer. En dat is de slechtste plaats van terugkeer! (Qur’aan- Al-Hadid -12/15)

Dit zijn de antwoorden die de gelovigen op de Dag van de Afrekening aan de hypocrieten zullen geven. Inderdaad, jullie waren fysisch aanwezig, maar jullie harten waren niet met ons. Jullie waren blijkbaar met ons, maar jullie droegen vijandschap in jullie harten tegenover ons. Jullie woorden gaven ons de indruk dat jullie akkoord waren met ons, maar in feite waren jullie tegen ons. Jullie wachtten af, jullie twijfelden en de ijdele wensen hebben jullie misleid totdat het noodlot van Allah werkelijkheid werd. Het is een pijnlijke sanctie als iemand ziet hoe het goede hem ontzegd wordt en hij in de plaats daarvan de pijnlijkste bestraffing ontvangt. Dit zou voor ons voldoende moeten zijn als voorbeeld.

Het is verbazingwekkend dat de mens zich bewust is van al deze zaken. Hij krijgt via de Qur’aan verzen en Profetische overleveringen een gedetailleerde omschrijving van zijn toestand en bestemming als hij Allah niet gehoorzaamt. Toch blijft hij zonden begaan.

Ibn al-Jawzi zei: “Als het niet de staat van afwezigheid was waarin de zondaar verkeert als hij een zonde begaat, dan zou hij als een koppige opstandeling worden beschouwd.”

Ibn al-Qayyim zei: “Allah heeft geheimen ten aanzien van degenen die Hem al dan niet gehoorzamen. Hij is de enige die ze kent.”

Wat betreft de gelovige, men zal een deur naar de Hel voor hem openen. Daarna zal men die sluiten en zeggen: “Dit zou je verblijfplaats zijn geweest als je  Allah niet had gehoorzaamd.” Vervolgens zal men een deur naar het Paradijs voor hem openen zodat hij het verschil kan zien tussen de twee en zich bewust is van de geneugte waarvan hij geniet. Het resultaat is dat hij Allah zal bedanken.

Deze drie laatste gruwelijkheden worden gedetailleerd omschreven in een lange hadith die terug te vinden is in het boek al-Musnad van imam Ahmad en de boeken van de traditionalisten. De overlevering werd authentiek verklaard door een groep geleerden waaronder sheikh al-Albani in zijn boek –de begrafenisplechtigheden. Daarin zei Al-Bara’ ibn ‘Azib: “Op een dag vertrokken we met de Profeet (sws) naar de begrafenis van een man van de Ansar (oorspronkelijke inwoners Medina). We stopten naast zijn begraafplaats want de zijdelingse holte werd nog niet uitgegraven. De Boodschapper van Allah (sws) ging zitten in de richting van de Qibla. We gingen rondom hem zitten en het was alsof er een vogel op onze hoofd zat. De Profeet grifte telkens in de grond met een stok die hij in zijn hand hield. Toen keek hij naar de hemel en dan naar de grond. Hij haalde zijn ogen driemaal op en liet ze driemaal neer. Daarna zei hij: “Vraag aan Allah bescherming tegen de marteling van het graf.” (Hij zei dit twee- of driemaal).
Vervolgens zei hij driemaal: “O Allah, ik zoek bescherming bij U tegen de marteling van het graf.”

Dan zei hij: “Als de gelovige dienaar op het punt staat om de aarde te verlaten en het hiernamaals te betreden, komen er uit de hemel engelen naar hem. Hun gezichten zijn zo wit als de zon. Ze zijn voorzien van Paradijselijke lijkwaden en geuren (voor de dode.) Ze gaan naast hem zitten en bedekken de hele horizon. Op dat moment komt de engel des doods dichterbij. Hij gaat aan het hoofd van de dode zitten en zegt: “O reine ziel (volgens een andere overleving: O vredige ziel), treedt naar buiten en vertrek naar de vergiffenis en tevredenheid van Allah.” De ziel zal dan naar buiten komen als een druppel die uit een fles valt en de engel des doods zal die opvangen.

In een andere overlevering staat:
“Vanaf het moment dat de ziel de dode verlaat, vraagt elke engel tussen de hemel en de aarde vergiffenis voor hem alsook alle engelen in de hemel. De poorten van het hemelrijk zullen voor hem worden geopend. Er zijn geen bewakers van één van die poorten zonder dat ze Allah smeken om zijn ziel naar hen te laten opstijgen.”

“Als de engel des doods de ziel neemt, dan nemen ze (zijn assistenten) in een oogwenk de ziel uit zijn handen en leggen hem in de lijkwade en geuren (van het Paradijs). Daarom zei Allah de Allerhoogste: “…de door ons gezondenen (engelen) nemen hem (zijn ziel) weg en zij verzuimen niet.” (Qur’aan- Al-An’am- 61). Op dat ogenblik geeft de ziel de meest aangename geur af die de aarde ooit heeft gekend.

Dan stijgen de engelen met de ziel naar de Hemel op. Ze gaan geen groep engelen voorbij zonder dat ze vragen: “Van wie is deze aangename ziel?” Zij antwoorden: “Van die, zoon van die,” en ze noemen hem bij de mooiste namen waarmee hij in het wereldse leven werd genoemd. Als ze in de laagste Hemel aankomen, vragen ze om open te doen voor hem. Men zal de poort openen en de meest voortreffelijke engelen van elke Hemel zullen hem naar de volgende Hemel vergezellen. Wanneer ze in de zevende Hemel aankomen, zegt Allah de Majestueuze: “Schrijf het boek van Mijn dienaar in ‘illiyun in (‘illyiun ligt in de hoge oorden van het Paradijs).
En wat doet jou weten wat ‘illiyun is? Een volgeschreven boek. De meest voortreffelijke engelen zijn er getuigen van.” (Qur’aan- Al-Muthaffifin-19-21) Men zal dan zijn boek in ‘Illiyun inschrijven, en Allah zal zeggen: “Breng hem terug naar de aarde, want ik heb ze verzekerd dat Ik hen daaruit heb geschapen, dat Ik ze tot de aarde zal terugbrengen en dat Ik ze een tweede keer daaruit zal schapen.”

Vervolgens wordt hij terug naar de aarde gebracht en keert zijn ziel terug in zijn lichaam. Hij hoort het geluid van de voetstappen van zijn naasten weergalmen als ze hem de rug keren (om naar huis te gaan). Op dat moment komen er twee engelen met een afstotelijk uiterlijk naar hem toe en bruuskeren hem. Ze laten hem recht zitten en zeggen dan tegen hem: “ Wie is jouw heer?” Hij antwoordt: Mijn Heer is Allah. Ze vragen: “Wat is jouw religie?” Hij repliceert: Mijn religie is de Islam. Dan vragen ze: “Wie is die man die naar jullie werd gezonden?” Hij antwoord: Het is de Boodschapper van Allah. Tenslotte vragen ze: “Welke kennis heb je geleerd?” Hij zegt: Ik heb het Boek van Allah gelezen, ik heb erin geloofd en ik heb (Allah Zijn woord) bevestigd.
Hierna zal een boodschapper uit de hemel naroepen (wat Allah heeft gezegd): “Mijn dienaar heeft de waarheid gesproken. Spreid een tapijt van het Paradijs voor hem uit, kleed hem met een Paradijselijke kleed en open voor hem een deur naar het Paradijs.” De Profeet (sws) zei: “Haar bries en aangename geur zullen hem overweldigen en er zal hem ruimte in zijn graf worden gegeven zo ver zijn zicht strekt.”

Daarna komt er een man naar hem die een mooi gezicht, mooie kleren en een heerlijke geur heeft. Hij zegt (tegen de dode): “Verheug je op wat je gelukkig zal maken. Verheug je op de tevredenheid van Allah en op de tuinen waarin een eeuwig comfort op je wacht. Dit is de dag die jou werd beloofd.” De dode zal hem vragen: “Moge Allah jou met goed nieuws verheugen. Wie ben je, want jouw gezicht inspireert optimisme?” Hij zal zeggen: “Ik ben jouw goede daad. Bij Allah, ik wist enkel één ding over jou: Je was snel om Allah te gehoorzamen en je was beschaamd toen je Hem ongehoorzaam was. Moge Allah je daarom rijkelijk belonen.” Dan zal met voor hem een poort van het Paradijs en een poort van de Hel openen en zeggen: “Dit zou je verblijfplaats zijn geweest als je Allah ongehoorzaam was. Allah heeft die met deze geruild.” Als hij dan ziet wat er in het Paradijs is, zegt hij: “O Heer, laat het Uur snel komen. Ik wil niet naar mijn familie en gezin terugkeren.” “Kalmeer je,” zal er tegen hem worden gezegd.

De Profeet (sws) gaat verder: “ Als de ongelovige dienaar op het punt staat om de aarde te verlaten en het hiernamaals te betreden, komen er uit de Hemel ruwe en woeste engelen naar hem. Ze hebben zwarte gezichten en dragen een lijkwade bij zich die uit vodden van de hel bestaat. Ze gaan naast hem zitten. Ze bedekken de hele horizon. Op dat moment komt de engel des doods dichterbij. Hij gaat aan het hoofd van de dode zitten en zegt: “O verdorven ziel, treedt naar buiten om de ontevredenheid en woede van Allah te ondergaan.” Men zal dan de ziel uit zijn lichaam trekken zoals men een spies vol met haken uit natte wol trekt; al zijn aders en zenuwen worden daardoor kapotgescheurd. Elke engel tussen Hemel en aarde zal hem vervloeken alsook alle engelen in de Hemel. De poorten van het Hemelrijk zullen voor hem worden gesloten. Er zijn geen bewakers van één van die poorten zonder dat ze Allah smeken om zijn ziel niet naar hen te laten opstijgen. Als de engel des doods de ziel neemt, dan nemen ze (zijn assistenten) in een oogwenk de ziel uit zijn handen en leggen hem in die vodden. Op dat ogenblik verspreidt de ziel de slechtste lijkgeur die de aarde ooit heeft gekend.

Dan stijgen de engelen met de ziel naar de Hemel op. Ze gaan geen groep engelen voorbij zonder dat ze vragen: “Van wie is deze verdorven ziel?” Zij antwoorden: “Van die, zoon van die,” en ze noemen hem bij de slechtste namen waarmee hij in het wereldse leven werd genoemd. Als ze in de laagste Hemel aankomen, vragen ze om open te doen voor hem. Men zal niet opendoen voor hem. Toen las de Boodschapper van Allah (sws) “…de poorten van de Hemel zullen voor hen niet worden geopend en zij zullen het Paradijs niet binnengaan totdat de kameel door het oog van de naald gaat.” (Qur’aan- Al-A’raf- 40)
Dan zal Allah de Majestueuze zeggen: “Schrijf zijn boek in Sijjin, in de diepste laag van de aarde. Breng mijn dienaar terug naar de aarde, want Ik heb de mensen verzekerd dat Ik hen daaruit heb geschapen, dat Ik ze tot aarde zal terugbrengen en dat Ik ze een tweede keer daaruit zal schapen.” De ziel wordt dan heel hard uit de Hemel (naar de aarde) gegooid en komt zo terug in het lichaam van de dode terecht. Toen reciteerde de Profeet het vers: “…want wie aan Allah deelgenoten toekent is als iemand die uit de Hemel valt, en dan door de vogels wordt weggegrist of door de wind wordt weggeblazen naar een afgelegen plek.” (Qur’aan- Al-Hajj-31)

De ziel keert dus terug naar zijn lichaam. Dan hoort hij het geluid van de voetstappen van zijn naasten weergalmen als ze hem de rug keren (om naar huis te gaan). Er komen twee engelen met een vreselijk uiterlijk naar hem toe en bruuskeren hem. Ze laten hem recht zitten en zeggen tegen hem: “Wie is jouw Heer?” Hij antwoordt: Euh! Euh! Ik weet het niet. Ze vragen hem: “Wat is jouw religie?” Hij antwoordt: Euh! Euh! Ik weet het niet. Dan vragen ze: “Wat zeg je over die man die naar jullie werd gezonden?” Hij zal proberen om achter de naam te komen, maar zal daar niet in slagen. Ze zullen tegen hem zeggen: “Mohammed”, waarop hij zal zeggen: Euh! Euh! Ik weet het niet, maar ik heb wel mensen zijn naam horen noemen.
Vervolgens zal er gezegd worden: “Je hebt helemaal niet geweten en je hebt (de Qur’aan) helemaal niet gelezen.” Hierna zal een boodschapper uit de hemel naroepen (wat Allah heeft gezegd): “Mijn dienaar heeft gelogen. Spreid een tapijt van de Hel voor hem uit en open voor hem een deur naar de Hel.”

De Profeet (sws) zei: Hij zal de warmte en samoem van de Hel voelen en zijn graf zal voor hem kleiner worden gemaakt totdat zijn ribben ineenstrengelen.”

Daarna komt er een man naar hem die een lelijk gezicht, lelijke kleren en een slechte geur heeft. Hij zegt (tegen de dode): “Ik kondig jou het nieuws aan dat je droevig zal maken. Dit is de dag die jou werd beloofd.” De dode zal hem vragen: “Moge Allah jou ook slecht nieuws brengen. Wie ben je, want jouw gezicht inspireert het slechte?” Hij zal zeggen: “Ik ben jouw slechte daad. Bij Allah, ik wist enkel één ding over jou: Je was laks in de gehoorzaamheid van Allah en je was snel in Zijn ongehoorzaamheid. Moge Allah jou daarom met het slechte belonen.”

Vervolgens zal men hem een schepsel toewijzen dat blind, doof en stom is. Hij zal in zijn hand een hamer vasthouden. Als men daarmee een slag zou toedienen op een berg, dan zou die herleid worden tot stof. Het schepsel zal de dode slaan en hem tot stof herleiden. Allah zal hem in zijn oorspronkelijke gedaante herrijzen waarop hij opnieuw een slag zal krijgen. Hij zal zo hard gillen dat iedereen hem zal horen buiten de mens en de djinn. Tenslotte zal men voor hem een deur naar de Hel openen. Men zal een tapijt van de Hel uitspreiden waarop hij zal zeggen: “O Heer, laat het Uur niet aanbreken.” (Abu Dawud, Al-Hakim, at-Tayalisi, Ahmad etc. Deze hadith is authentiek. Hij voldoet aan de voorwaarden van al-Bukhari en Muslim in hun authentieke boeken.)

 

| De kwelling van het graf: oorzaken

 

De gruwelijkheden en afgrijselijke beproevingen van het graf die we geciteerd hebben, kunnen alleen degene die een levendig hart heeft aanzetten om daden te vermijden die de kwelling van het graf inhouden en om daden te verrichten die hem zullen redden.

Ibn al-Qayyim zei in zijn boek ar-Ruh: “We kunnen op de vraag – wat zijn de oorzaken van de kwelling van het graf? – twee verschillende antwoorden geven, namelijk een algemene en gedetailleerde.

Het algemene antwoord:
De mensen worden gemarteld omwille van hun onwetendheid over Allah, Zijn bevel en hun zonden. Inderdaad, Allah kwelt geen ziel die Hem gekend heeft. De ziel die van Allah houdt, zich aan Zijn bevel aanpast en Zijn verboden zaken vermijdt, zal noch lichamelijk of geestelijk gemarteld worden. De kwelling van het graf en het hiernamaals zijn gevolgen van de boosheid en toorn van Allah ten opzichte van Zijn dienaar. Degene die Allah kwaad en woedend maakt in deze wereld, geen berouw toont en zo sterft, dan zal de bestraffing in de barzakh afhangen van de intensiteit van Allah Zijn kwaadheid en woede jegens hem.

Het gedetailleerde antwoord:

1.  De mens belasteren en zich niet fatsoenlijk van urine reinigen:
De Boodschapper van Allah (sws) heeft twee mannen in hun graven zien lijden. De ene belasterde mensen en de andere reinigde zich niet fatsoenlijk van urine.
Er werd in de twee authentieke boeken van al-Bukhari en Muslim overgeleverd, op gezag van Ibn ‘Abbas, dat de Profeet (sws) langs twee graven passeerde en zei: “Deze twee doden worden op dit moment gestraft, en het is echter niet omwille van een ernstige reden. Wat betreft één van hen, hij reinigde zich niet van zijn urine. De andere hield zich bezig met lasterpraatjes.” Daarna had hij gevraagd naar een bladloze tak van een groene palmboom. Die brak hij in twee en plantte elk van de twee stukken in ieder graf. De metgezellen vroegen: “O Boodschapper van Allah, waarom heb je dat gedaan?” Hij antwoordde: “Misschien zal hun bestraffing worden verlicht, zolang deze twee takken niet uitdrogen.”

De eerste reinigde zich niet zoals het moest. De tweede veroorzaakte met zijn tong onenigheid tussen de mensen, zelfs al waren zijn woorden juist. Dit brengt onze aandacht op het volgende punt: degene die onenigheid tussen de mensen veroorzaakt door middel van zijn tong, leugens, lasterpraatjes of valse getuigenis, zal een nog grotere bestraffing krijgen. Een ander aandachtspunt is dat de bescherming tegen urine een onderdeel is van het gebed. Degene die niet meer bidt (en dus alle onderdelen nalaat), zal logischerwijze nog een grotere straf ondergaan.

2.  Het gebed zonder rituele wassing verrichten en een onderdrukte niet steunen:
‘Abdullah ibn Mas’ud zei dat de Profeet (sws) gezegd heeft: “Men gaf (de engelen) het bevel om een dienaar van Allah honderd zweepslagen in zijn graf te geven. Hij bleef maar Allah gedenken totdat de strafmaat tot één enkele slag gereduceerd werd. Daarna vulde zijn graf zich met vuur. Toen het vuur uitdoofde en hij terug bij bewustzijn kwam, vroeg hij (aan de engelen): “Waarom hebben jullie me gegeseld?” Zij antwoordden: “Je hebt een gebed verricht zonder de rituele wassing te hebben uitgevoerd en je bent een onderdrukte man voorbijgegaan zonder hem steun te verlenen.”
(Abu ash-Shaykh ibn Hibban in kitab at-tawbikh. Sheikh al-Albani heeft de hadith goed verklaard.)

3.  Leugens rondbazuinen bij Jan en alleman, de Qur’aan reciteren maar ’s nachts niet opzeggen en overdag niet in praktijk brengen, overspel plegen en intresten eten.
Samura ibn Jundub zei: “Eén van de vragen die de Profeet (sws) het meest aan zijn metgezellen stelde, was de volgende: “Heeft er iemand van jullie een droom gehad?” Als dit bij iemand het geval was, vertelde hij die aan hem en hij zei wat Allah wou (dat er gezegd werd).
Op een morgen zei hij tegen ons: “Deze nacht kwamen er twee mannen naar me toe. Ze zeiden tegen me: “Kom met ons mee.”
Ik ging met hen mee en we kwamen bij een man aan die op zijn zijde lag. Er stond een andere man ter hoogte van zijn hoofd met een grote rots in zijn handen. Hij liet de rots op zijn hoofd neervallen waardoor die openbarstte. De rots rolde weg. Hij volgde de rots en nam die terug. Toen hij terugkeerde naar de liggende man, was zijn hoofd volledig hersteld (van alle letsels) ; zijn hoofd was zoals daarvoor. Daarna deed hij hetzelfde als wat hij de eerste keer met hem deed (hij barstte weer zijn hoofd open). Ik zei tegen die mannen: “Heilig is Allah! Wat doen deze twee?”
Ze zeiden: “Ga verder, ga verder.”

We gingen verder en we troffen een man aan die op zijn rug lag. Er stond naast hem een man met een ijzeren haak in zijn hand. Hij plaatste die in één van de helften van zijn gezicht en sneed van zijn gelaat tot aan zijn rug. Hij plaatste ook de haak in zijn neusgat en oog en hij sneed door tot aan zijn rug. Vervolgens schakelde hij over naar de andere helft; hij deed ermee wat hij met de eerste helft had gedaan. Hij was nauwelijks klaar met de ene helft van het gezicht of de andere helft was terug gezond geworden zoals daarvoor. Daarna ging hij terug naar hem en deed wat hij de eerste keer had gedaan. Ik zei: “Heilig is Allah! Wat gebeurt er met deze twee?”
“Ga verder, ga verder,” zeiden ze.

 

We gingen verder en we passeerden langs iets dat op een oven leek. Er kwam van die oven gegil en stemmen. We bogen ons om in de binnenkant te kijken en er bevonden zich daar naakte mannen en vrouwen in. Er doken vlammen van onder hen op. Als ze erdoor werden geraakt, brulden ze. Ik zei: “Wie zijn deze mensen?” Ze zeiden: “Ga verder, ga verder.”

We gingen verder en kwamen bij een rivier van bloed. In de rivier verscheen er een zwemmende man. Aan de oever van de rivier stond er een man die voor zichzelf een hoop stenen had verzameld. De man in de rivier zwom moeizaam naar de man die de stenen had verzameld. Deze laatste opende de mond van de zwemmen en gooide er stenen in. Daarna zwom de zwemmer weg en kwam hij terug bij de man (aan de oever) die weer zijn mond opende en er stenen in gooide. Ik zei tegen hen: “Wat gebeurt er met deze twee?”
Ze zeiden: “Ga verder, ga verder.”

We gingen verder en kwamen langs een man met een lelijk uiterlijk. Het was de lelijkste man die men ooit gezien had. Hij had voor hem een vuur dat hij aanwakkerde en hij stapte rond dat vuur. Ik zei tegen hen: “Wat gebeurt er hier?”
Ze zeiden tegen me: “Ga verder, ga verder.”

We hervatten onze tocht. We kwamen bij een tuin met weelderige planten. Er bevonden zich allerlei soorten bloemen van de lenteperiode. In het midden van de tuin stond een zo lange man dat men zijn gezicht in de Hemel niet kon zien. Rond de man waren er een ongekend aantal kinderen. Ik zei tegen de 2 mannen: “Wat gebeurt er hier? Wie zijn deze personen?”
“Ga verder, ga verder,” zeiden ze.

We gingen verder en we troffen een enorme boom aan. Ik had nog nooit een boom gezien die zo groot en mooi was als deze boom. Ze zeiden tegen me: “Klim op deze boom.” We klommen erop totdat we in een stad kwamen die gebouwd was van gouden en zilveren bakstenen. Toen we aan de poort van de stad kwamen, vroegen we om de poort open te doen. Iemand deed er open voor ons en we gingen naar binnen. We werden ontvangen door mannen. De helft van hun lichamen bestond uit een nog nooit vertoonde schoonheid en de andere helft uit een uitzonderlijke lelijkheid. (De twee mannen) zeiden tegen die mannen: “Ga jullie in die rivier gooien!” We zagen effectief een stromende rivier tegenover ons. Het water ervan was zo wit als zuivere melk. Ze gingen er naartoe en gooiden zich erin. Toen ze naar ons terugkwamen, was hun lelijke helft volledig verdwenen. Op dat moment was er niemand mooier dan hen. (Mijn twee gezellen) zeiden tegen me: “Dit is de tuin van Eden en daarboven bevind zich jouw verblijfplaats.” Ik hief mijn ogen hoog op en zag een paleis dat op een witte wolk leek. Ze zeiden tegen me: “Daar is jouw verblijfplaats.”
Ik zei: “Moge Allah jullie zegenen! Laat me er binnengaan.”
Ze zeiden: “Momenteel kan het niet, maar je zult daar op een dag zonder twijfel binnengaan.”
Ik zei: “Ik heb gedurende deze nacht verbazingwekkende dingen gezien. Wat heb ik in feite gezien?”
Ze zeiden: “Nu zullen we je inlichten. De eerste man die je voorbij bent gegaan en wiens hoofd met een rots werd opengebarsten, was degene die de Qur’aan leerde. Hij bracht die echter niet in praktijk. Bovendien ging hij slapen zonder de verplichte gebeden te verrichten.
Wat betreft de man bij wie je geweest was en wiens wang, neusgat en oog werden opengesneden tot aan zijn rug, het was een man die ’s morgens zijn huis verliet om een enorme leugen t vertellen die de verre oorden bereikte.
Wat betreft de naakte mannen en vrouwen die zich in een soort oven bevonden, dat waren de overspelige mannen en vrouwen.
Wat betreft de man waarlangs je ging, die in een rivier zwom en die stenen in zijn mond gegooid kreeg, dat was degene die intrestgeld at.
De man met het lelijk uiterlijk die bij het vuur zat dat hij aanwakkerde en waarrond hij stapte, dat was Malik, de bewaarder van de Hel.
De grote man in de tuin was Ibrahim. De kinderen rond hem waren de kinderen die stierven volgens de natuurlijke aanleg.”

Sommige moslims zeiden: “O Boodschapper van Allah (sws), horen de kinderen van de polytheïsten daar ook bij?”
De Boodschapper zei: “De kinderen van de polytheïsten horen daar ook bij. Wat betreft de mensen wiens lichaamshelft mooi en de andere lelijk was, het waren de mensen die goede daden met slechte hadden gemengd. Allah had hen vergeven.”
(Al-Bukhari)

Ibn al-Qayyim gaat verder: “We hebben al de hadith van Abu Hurayra geciteerd waarin de hoofden van sommige volkeren verbrijzeld zullen worden met rotsen omdat ze hun gebed verwaarloosden. Daarin staat er ook dat bepaalde mensen als beesten tussen de dari (grote doornstruik. Als hij droog is, kunnen de dieren die niet afgrazen en als hij zacht is, kunnen alleen de kamelen ervan eten. Dit is wat betreft het wereldse leven. In de wereld van Barzakh heeft de struik meer stekels, hij stinkt en is oneetbaar.) En zaqqum (een boom waarvan de wortels diep in de Hel zijn geworteld.) zullen passeren omdat ze geen zakat op hun bezittingen betaalden. In een andere passage wordt er vermeld dat er mensen rot en stinkend vlees zullen eten omdat ze overspel pleegden en van anderen zullen de lippen met ijzeren scharen worden geknipt omdat ze met hun woorden en preken onenigheid veroorzaakten.

We hebben ook de hadith van Abu Sa’id aangehaald over de sancties van de grote zondaren. Er bestaan onder hen:

 

 

  • Mensen die een buik hebben zo groot als een huis en die hetzelfde lot hebben als het volk van de farao omdat ze intrestgelden aten.
  • Mensen wiens monden worden opengedaan en waarin kolen worden geslingerd totdat ze uit hun achterste naar buiten komen omdat ze de bezittingen van weeskinderen consumeerden.
  • Vrouwen die aan een haak worden opgehangen met hun borsten omdat ze overspel pleegden.
  • Mensen wiens zijkanten eraf worden gesneden en die dat te eten krijgen omdat ze roddelden.
  • Mensen die lederen nagels hebben waarmee ze hun gezichten en borstkas kapotscheuren omdat ze de eer van mensen bezoedelden.

De Profeet (sws) heeft ons ook bericht over een strijder die een mantel uit de oorlogsbuit had gestolen. Hij zal die mantel in vuur zien veranderen en zal daardoor in zijn graf worden verbrand. Als dit het geval is terwijl een strijder recht heeft op de oorlogsbuit, wat moet er dan gezegd worden over iemand die onrecht aandoet omwille van iets waarop hij geen recht heeft?”

Ibn al-Qayyim gaat voort: “De marteling van het graf is het resultaat van de zonden die gerelateerd zijn aan het hart, de ogen, de oren, de mond, de tong, de buik, het geslacht, de hand, de voet en het hele lichaam.

Hier volgt een lijst van zonden:

Al wie lasterpraat verspreidt, de leugenaar, de roddelaar, iemand die een valse getuigenis aflegt of kuise vrouwen onterecht beschuldigt, degene die snel conflicten verspreidt, degene die vernieuwingen in de religie propageert, iemand die zonder kennis spreekt over de religie van Allah en Zijn Profeet, degene die overhaastig het woord neemt, iemand die intrestgelden en bezittingen van weeskinderen eet, degene die een illegale zaak eet onder de vorm van smeergeld (ook Bartil genoemd) of geschenk, degene die onrechtmatig de bezittingen van zijn broeder in de islam of mu’ahad ( een niet-islamitisch bondgenoot die het recht heeft om in een islamitisch land te verblijven, met garantie op veiligheid en bescherming van de persoon zelf en zijn goederen.) eet, degene die bedwelmende dranken drinkt, iemand die de vervloekte plant gebruikt (drugsplant), de overspelige, de homoseksuele, de dief, de verrader, de bedrieglijke, de oplichter, de ophitser.

De volgende mensen kan je ook aan de lijst toevoegen:
Iemand die intrestgelden eet, uitgeeft, de akte ervan opstelt en de getuigen, de ‘fictieve echtgenoot’ (een man die met een vrouw trouwt die onherroepelijk gescheiden is zodat haar vorige echtgenoot terug met haar kan trouwen) muhallil en de man die effectief die rol invult, iemand die listen gebruikt om Allah Zijn verplichtingen te ontlopen en verboden daden te stellen, iemand die moslims schaadt en hun tekortkomingen opzoekt, iemand die niet met het boek van Allah regeert, iemand die fatwas geeft die niet overeenstemmen met de wetgeving van Allah, degene die iemand helpt in zonden en vijandigheid, degene die een onschuldige mens doodt, degene die schuldig maakt aan heiligschennis in de heiligdommen van Allah, degene die Allah Zijn eigenschappen begrenst of ontkent, degene die zijn mening, voorkeur of politiek verkiest boven de soenna van de Boodschapper (sws), de vrouw die luid en hard huilt en degenen die naar haar luisteren, de ‘schreiers’ van de Hel (mensen die verboden liedjes zingen zoals r&b, hiphop, rap enz.) en degenen die naar hen luisteren, degenen die moskeeën op graven bouwen,  degenen die lampen en kaarsen boven graven aansteken, de oplichters die zelf te weinig teruggeven aan hun schuldenaars, de tirannen, de arrogante mensen, mensen die daden stellen om op te vallen, de spotters, iemand die kleineert, degenen die het gemunt hebben op de vrome voorgangers, iemand die magiërs, astrologen en helderzienden opzoekt, hen om raad vraagt en in hen gelooft, de helpers van tirannen of dictators die hun hiernamaals met het wereldse leven hebben geruild, iemand die geen angst heeft voor Allah en Zijn herdenking als hij het slechte wil doen, maar die wel angst voelt voor een zwakke schepsel zoals hem.

Je kan iemand hebben aan wie het goede pad wordt getoond door middel van bewijzen uit de Qur´aan en de soenna maar die dat pad niet volgt en er zelfs niet naar opkijkt.
Hij volgt daarentegen wel de woorden van iemand die hij goed vindt maar die even zwak is als hem. Hij volgt hem strikt op en spreekt hem nooit tegen. Je kunt ook iemand hebben die emotieloos en met verveling naar een Qur´aan recitatie luistert, maar als hij het geluid hoort van satans ´koranrecitatie´, de charmes van overspel (zaken die overspel aantrekkelijk maken) en de katalysator van hypocrisie (namelijk muziek), dan voelt hij zich inwendig op zijn gemak en geraakt hij in extase; zijn hart is opgewonden en verrukt. Hij wenst dat de zanger nooit meer zal stoppen. Verder kan je een persoon hebben die bij Allah zweert terwijl hij liegt. Als hij daarentegen zweert op de ark (een soort eed die in de tijd van Ibn al-Qayyim bestond.), op zijn sheikh, op een familielid, op saawil al futuwwa (een broek die men bepaalde personen laat dragen die een belangrijke spirituele rang hebben bereikt, komt voor bij soefi’s) of een persoon waarvan hij houdt en die hij verheerlijkt, dan zal hij nooit liegen zelfs al houdt het een kwaad in voor hem.

De lijst gaat verder:
Iemand die een zonde pleegt en daarover opschept bij zijn vrienden, degene die niemand kan vertrouwen aangaande zijn bezittingen en eer, de brutale man die men ontwijkt om zijn kwaad te vermijden, degene die het gebed tot het laatste moment uitstelt en vervolgens deze aanbidding snel verricht, degene die tijdens zijn gebed Allah weinig gedenkt, degene die de zakat niet met een gerust hart betaalt, degene die niet op bedevaart gaat terwijl hij er de middelen voor heeft, degene die de rechten die op hem rusten niet uitvoert terwijl hij daartoe in staat is, degene die zonder scrupule zaken doet en zonder geweten spreekt, degene die zich geen zorgen maakt over de wettelijke of onwettelijke oorsprong van zijn inkomsten en degene die de familiebanden niet onderhoudt.
Als laatste heb je een persoon die geen genade toont voor de armen, weduwe, wees of dieren maar die het weeskind botweg weghoudt van zijn rechten, de mensen niet oproept om de armen te voeden, hoogmoedig is, zaken doet om de aandacht van mensen te trekken, degene die levensbenodigdheden (zoals water en voedsel) tegenhouden en zich met de gebreken en fouten van mensen bezighoudt waardoor hij die van hem vergeet.”

Ibn al-Qayyim sluit af:
“Al deze mensen en hun gelijken zullen in hun graf worden bestraft naarmate de hoeveelheid en ernst van de overtredingen. Aangezien de meeste mensen in één van de bovengenoemde situaties verkeren, zullen de meeste bewoners van graven gemarteld worden; weinig zullen gespaard worden. De buitenkant van de begraafplaatsen bestaan uit zand, maar de binnenkant is één en al kwelling en spijt. De buitenzijde van de graven bestaat uit zand en mooi versierde gedenkstenen, maar de binnenzijde bestaat uit beproevingen en gruwelijkheden. Het graf borrelt van spijt zoals het water in een ketel borrelt door de taferelen die zich daarin afspelen. Een sluier heeft zich opgetrokken tussen de ziel en zijn verlangens. Ik zweer bij Allah, het graf zendt waarschuwingen uit die zo perfect zijn dat geen enkele prediker er iets bovenop kan zeggen. Ze roept ons: “O bewoners van deze wereld! Jullie bouwen een huis dat gedoemd is om te verdwijnen terwijl jullie het huis slopen waarnaar jullie in ijltempo naderen. Jullie verblijven in een huis, maar later zullen andere mensen erin wonen en van diens bezittingen genieten.

Jullie hebben de enige verblijfplaats gesloopt die je niet met een andere kan ruilen. Deze woning is de woning van de concurrentie, de opslagplaats van daden, het oord waar men zaadjes strooit (om ze in het hiernamaals te oogsten) en de plaats waar lessen overvloedig aanwezig zijn. Weldra zal je graf een tuin van het Paradijs zijn of een kuil van de Hel.”

 

| Hoe kan je jezelf redden van de marteling van het graf?

Ibn al-Qayyim zei: “We kunnen op deze vraag eveneens twee verschillende antwoorden geven, namelijk een algemene en gedetailleerde:

Het algemene antwoord:
Dit houdt in dat je de daden vermijdt die de marteling van het graf tot gevolg hebben. Eén van de beste zaken die je kunt doen is dat je, voor je naar bed gaat, één uur aan Allah besteedt. Gedurende dat uur presenteer je de rekening aan je ziel en telt hij de goede en slechte daden van die dag op. Daarna toont hij oprecht berouw aan Allah voor zijn fouten en gaat hij slapen. Hij belooft zichzelf dat hij nooit meer naar die zonde zal terugkeren als hij wakker wordt. Dit doet hij elke nacht. Als hij in die nacht sterft, dan gaat hij dood als iemand die berouw heeft getoond. Als hij wakker wordt dan denkt hij eerst aan het verrichten van vrome daden en is hij verheugd dat zijn dood werd uitgesteld, want hij wil zich tot zijn Heer richten en inhalen wat hij gemist heeft. Er is voor de dienaar geen nachtrust die nuttiger is dan de nachtrust onder deze voorwaarden, vooral als hij deze autokritiek laat volgen door het gedenken van Allah en de slaaprituelen van de Profeet (sws) tot leven brengt. Deze handelingen blijft hij doen totdat hij in slaap valt. Als Allah het goed voorheeft met je, dan zal hij je helpen in deze opdracht. Er is geen kracht buiten die van Allah.

Het gedetailleerde antwoord: 
Er zijn bepaalde daden die de moslim van de marteling van het graf kunnen redden:

1.  De wacht houden op de weg van Allah:
Salman zei: “Ik heb de Boodschapper van Allah (sws) horen zeggen:
“Een dag en een nacht besteden aan de wacht houden voor de zaak van Allah, is beter dan de vasten en het nachtgebed van één maand. Als hij tijdens de wacht sterft, dan zullen de (goede) daden die hij doorgaans verrichte hem aangerekend blijven worden. Op dezelfde wijze zal men zijn levensvoorziening blijven verzekeren (in het hiernamaals) en hij zal beschermd worden tegen de beproeving van het graf.”
(Muslim)

2.  Sterven op vrijdag of de vooravond van vrijdag:
‘Abdullah ibn ‘Amr rapporteerde dat de Boodschapper van Allah (sws) gezegd heeft: “Er is geen moslim die op een vrijdag of de vooravond van vrijdag sterft zonder dat Allah de Verhevene hem beschermt tegen de beproeving van het graf.”
(Ahmad en at-Tirmidhi)

3.  De martelaar:
Al-Miqdad ibn Ma’dyakrib overleverde dat de Profeet (sws) gezegd heeft:
“Er zijn zeven gunsten voor de martelaar: zijn zonden worden bij de eerste druppel bloed vergeven, hij ziet zijn verblijfplaats in het Paradijs (voor hij sterft), men zal hem tooien met het tooisel van het geloof, men zal hem huwen met tweeënzeventig vrouwen onder de jonge maagden, hij wordt gered van de bestraffing van het graf, hij wordt beschermd tegen de grootste verschrikking (wanneer er de eerste keer geblazen wordt op de hoorn), men zal de kroon van eerbied op zijn hoofd leggen waarvan één parel beter is dan de aarde en wat er zich in bevindt en hij zal bemiddelen in het voordeel van zeventig familieleden.”
(Ahmad, at-Tirmidh en Ibn majah)

In het boek van As-Sunan van an-Nasa’i vermeldde Rashid ibn Sa’d dat één van de metgezellen van de Profeet (sws) een man het volgende hoorde zeggen:

“O Boodschapper van Allah, waarom worden alle gelovigen in hun graven beproefd buiten de martelaar?” Hij (sws) antwoordde: “De gloed van de zwaarden op zijn hoofd volstaan als beproeving.”
(an-Nasa’i)

 

De betekenis van deze hadith is (en Allah weet het best) dat de martelaar in zijn geloof werd beproefd door de glans van de zwaarden op zijn hoofd zonder te vluchten. Als hij een hypocriet was, dan zou hij in een soortgelijke situatie geen geduld hebben getoond. Dit bewijst dat het zowel zijn geloof is dat hem geïnspireerd heeft om lichaam en ziel ten dienste van Allah te stellen als de woede die zich in zijn hart heeft ontvlamd om de zaak van Allah en Zijn boodschapper te verdedigen. Hij wil met hart en ziel dat de religie van Allah de overhand heeft over de andere godsdiensten en hij wil Zijn woord verheffen. Deze persoon heeft zijn oprechte geweten ontdekt toen hij zich aan de strijd had blootgesteld. Deze beproeving heeft er dus voor gezorgd dat hij werd vrijgesteld van de beproeving van het graf.

 

4.   Soera al-Mulk voordragen:

Ibn Mas’ud rapporteerde dat de Profeet (sws) zei: “Soera Tabarak (al-Mulk) is de soera die tegen de bestraffing van het graf beschermt.”
(al-Hakim, authentiek)

Abu Hurayra overleverde dat de boodschapper van Allah (sws) zei: “Voorwaar, er is een Soera uit de Koran die uit dertig verzen bestaat en die voor een man zal bemiddelen totdat hij vergeven wordt, namelijk: “Gezegend is Degene in wiens hand de Heerschappij is.” (Qur’an al-Mulk vers 1) (Hadith van Abu Dawud)

 

5.  Sterven door buikpijn:

 

Khalid ibn ‘Urtufa en Sulayman ibn Surad overleverden dat de boodschapper (sws) zei: “Degene die door buikpijn sterft, zal niet gemarteld worden in zijn graf.”
(Ahmad en at-Tirmidhi)

 

6.  De rituele wassing en het gebed:

 

Aburrahman ibn Samura hoorde de Profeet (sws) zeggen: “Ik heb gisteren iets verbazingwekkend gezien (in mijn droom). Ik heb een man van mijn gemeenschap gezien die omringd werd door de engelen van de bestraffing. Toen kwam zijn rituele wassing naar hem toe en redde hem van die straf. Ik heb ook een man van mijn gemeenschap gezien die de bestraffing van het graf naar hem zag toekomen wanneer plotseling zijn gebed naar hem toekwam om hem van die straf te redden.”
(al-Haythami)

 

Abu Hurayra overleverde dat de boodschapper van Allah (sws) zei: “Voorwaar, als de dode in zijn graf wordt gelegd, hoort hij het geluid van de schoenen van zijn naasten als ze weggaan. Als de overledene een gelovige is, zet het gebed zich naast zijn hoofd, de vasten aan zijn rechterzijde, de zakat aan zijn linkerzijde en goede daden zoals aalmoezen, familiebezoeken en liefdadigheid jegens de mensen aan zijn voeten. De engelen proberen hem ter hoogte van zijn hoofd te ondervragen, maar het gebed zegt: “Er is via mijn kant geen toegang.” Daarna trachten ze hem langs zijn rechterkant te verhoren, maar de vasten zegt: “Er is via mijn kant geen toegang.” Vervolgens proberen ze hem langs zijn linkerkant uit te horen, maar de zakat zegt: “Er is via mijn kant geen toegang.” Dan trachten ze hem ter hoogte van zijn voeten te ondervragen, maar de goede daden zoals aalmoezen, familiebezoeken en liefdadigheid jegens de mensen zeggen: “Er is via onze kant geen toegang.” Er zal hem gezegd worden: “Zit recht!” Hij zal recht zitten en hij zal zo goed kunnen zien zoals hij naar de zonsonderang kijkt.

 

Ze vragen hem: “Ken je nog die man die zich onder jullie bevond? Wat is jouw mening over hem? Kan je iets over hem bevestigen?” Hij zegt: “Laat me even bidden.” Ze zeggen: “Je zult daartoe de kans krijgen, maar geef ons eerst ee antwoord op onze vraag: ken je nog die man die zich onder jullie bevond? Wat is jouw mening over hem? Kan je iets over hem bevestigen?” Hij antwoordt: “Hij is Mohammed! Ik getuig dat hij de boodschapper is van Allah. Hij is met de waarheid gekomen uit de naam van Allah!” Op dat ogenblik zeggen ze: “Je hebt volgens deze geloofsleer geleefd en je bent ermee gestorven en je zult, met de wil van Allah, met die geloofsovertuiging worden verrezen!”

 

Daarna zal men voor hem een poort van het Paradijs openen en zeggen: “Hier bevindt zich de plaats die voor jou is bestemd. Kijk naar wat Allah voor jou heeft klaargemaakt.” Op dat moment zal hij een immense vreugde ervaren. Kort daarop zal men voor hem een poort van de Hel openen en zeggen: “Als je Allah ongehoorzaam was, dan was deze plaats je bestemming die Allah voor je had klaargemaakt.” Dit nieuws zal hem nog meer verheugen.

 

Vervolgens zal men zijn graf verlichten en met elf el verbreden. Zijn lichaam zal worden zoals hij was en zijn ziel zal zich voegen bij de uitmuntende zielen: zijn geest zal een vogel zijn die van de paradijselijke fruitbomen eet. Dit is de uitleg van het woord van de Allerhoogste: “Allah versterkt (het geloof van) degenen die geloven met de standvastige uitspraak (de geloofsbelijdenis) tijdens het wereldse leven en in het hiernamaals; en Allah laat de onrechtplegers dwalen en Allah doet wat Hij wil.” (Quran – Ibrahim- 27)

 

Wat betreft de ongelovige, de engelen proberen hem ter hoogste van zijn hoofd te ondervragen en ze zullen daar niets vinden (noch een gebed noch een vrijwillige daad). Ze zullen noch aan zijn rechterkant nocht aan zijn linkerkant iets vinden en ook niets ter hoogte van zijn voeten. Ze zullen zeggen: “Zit recht!” Hij zal trillend van angst recht zitten. Zij zullen hem vragen: “Ken je nog die man die zich onder jullie bevond? Wat is jouw mening over hem? Kan je iets over hem bevestigen?” Hij zal antwoorden: “Welke man?” waarop ze zullen repliceren: “Degene die zich onder jullie bevond.” Hij zal niet op zijn naam kunnen komen waarop ze zullen zeggen: “Mohammed!” Hij zal zeggen: “Ik weet het niet. Ik heb de mensen iets horen zeggen, en ik zei wat de mensen zeiden.” Daarop zullen ze zeggen: “Je hebt volgens deze overtuiging geleefd en je bent ermee gestorven en je zult, met de wil van Allah, met die geloofsovertuiging worden verrezen!” Dan zal men voor hem een poort van de Hel openen en zeggen: “Dit is jouw plaats in de Hel en dit is wat Allah voor jou heeft klaargemaakt!” Hij zal een enorm spijtgevoel krijgen en verdriet hebben. Daarna zal men voor hem een poort van het Paradijs openen en zeggen: “Als je Allah had gehoorzaamd, dan was dit je verblijfplaats in het Paradijs en had Allah dit voor je klaargemaakt.” Hij zal meer spijt krijgen en nog meer treuren. Dan zal zijn graf kleiner worden voor hem totdat zijn ribben ineen zullen strengelen. Dit is het benauwd leven waarover Allah zegt: “… er zal dan voor hem ongetwijfeld een benauwd leven zijn, en Wij zullen hem verzamelen op de Dag der Opstanding, in blinde toestand.” ( Quran – Taha – 124)

(Hadith door Ibn Hibban en al-Hakim)

Abu Dharr al-Ghifari sprak de mensen met de volgende woorden aan: “O mensen! Ik ben voor jullie een oprechte raadgever en heb genade met jullie. Bidt in het midden van de nacht. Dat zal jullie beschermen tegen de eenzaamheid van het graf. Vast in deze wereld, dan zullen jullie minder lijden onder de warmte van de Dag van de Terugkeer. Geef aalmoezen uit angst voor die moeilijke dag. O mensen! Ik ben voor jullie een oprechte raadgever en heb genade met jullie.”

 

Hierbij wil ik tegen jullie zeggen: “Ik ben voor jullie een oprechte raadgever en heb genade met jullie. Verricht goede daden om jullie te beschermen tegen de eenzaamheid van het graf.”

 

Vraag & antwoord.

 

1.   Is er een verschil tussen het woord geest (nafs) en ziel (ruh) of zijn het synoniemen?

Antwoord: Het woord nafs heeft verschillende betekenissen zoals dat ook het geval is voor het woord ruh. Soms zijn ze synoniemen van elkaar, soms niet.

De term geest (nafs) wordt gebruikt om de ziel (ruh) te benoemen, maar over het algemeen geeft men de naam nafs aan datgene dat verbonden is met het lichaam. Als men het over de ziel heeft die het lichaam heeft verlaten, dan gebruiken we de term ruh.

Het woord nafs betekent ook bloed, wezen, oog enz. Ruh wordt gebruikt voor de Koran, de engel Jibril en de lucht die de mens in en uitademt.

 

2.   Sterft de ziel?

Antwoord: Een groep geleerden zijn van mening dat de ziel sterft omdat het een nafs is, en zoals Allah zei: “Iedere ziel (nafs) zal de dood proeven.” (Qur’an – Ali ’Imran- 185) Allah zei ook: “Alles wat op de aarde is, zal vergaan.” (Qur’an – Ar-Rahman – 26) Als de engelen sterven, dan sterft de ziel a fortiori. Andere geleerden menen dat de ziel pas sterft wanneer er voor de eerste keer geblazen zal worden op de hoorn (door de engel Israfil)

Ibn Abi al- ‘Izz al Hanafi, de exegeet van het boek at-Tahawiyya, zei: “Het juiste antwoordt is dat men zegt: de dood van de ziel (nafs) betekent dat hij zich afsplitst van het lichaam en haar zo verlaat. Dit is wat we verstaan onder de dood van de ziel. Er moet de nadruk worden gelegd op het feit dat de ziel enkel van de dood proeft! De dood van de ziel betekent niet dat hij volledig afsterft en verdwijnt. De ziel blijft verder bestaan en hij krijgt een beloning of een straf. Allah zei: “Zij zullen daarin, na de eerste dood, geen dood meer ondergaan.” (Qur’an Ad-Doekhan- 56)

 

3. Wordt de mens voor eeuwig in zijn graf gemarteld of is er een einde?

Antwoord: De marteling van het graf bestaat uit twee soorten:

* Er bestaat een eeuwige marteling zoals die van de farao en zijn soldaten. Allah zegt: “Zij zullen ‘s ochtends en ‘s avonds voor de hel worden geplaatst.” (Qur’an Ghafir – 46).

* Er bestaat een marteling die een zekere tijd duurt, maar die een einde kent. Deze straf wordt opgelegd aan bepaalde zondaren die lichte overtredingen hebben gepleegd. Elk van hen zal gekweld worden naargelang de zonden die hij op zijn kerfstok heeft.

 

4. Waar verblijven de zielen gedurende de periode tussen de dood en de Dag van de Opstanding?

Antwoord: Men kan van de islamitische teksten afleiden dat de zielen in de wereld van de Barzakh verblijven en ze vertoeven in zeer verschillende niveaus. Er zijn zielen die zich in de meest sublieme plaatsen bevinden in het hoogste koninkrijk,. Namelijk bij de zielen van de profeten. In dit niveau zijn er verschillende rangen.

 

Sommige zielen bevinden zich in de keel van groene vogels die in het Paradijs rondvliegen waar ze willen. Dit zijn de zielen van de martelaren.

Er zijn zielen die zich in het slechtste van het slechtste bevinden, en dat zijn die van de ongelovigen en de verdorvenen: “Voorwaar, degenen die onze verzen loochenen en die zich er hooghartig van afwenden: de poorten van de Hemel zullen voor hen niet geopend worden.” ( Qur’an – Al-A’raf – 40)

 

5. Is de dode zich bewust van de mensen die hem bezoeken. Hoort hij hun begroetingen?

Antwoord: Men kan van verschillende onderzoeken en teksten afleiden dat de doden in principe niet kunnen horen. Er werd echter wel tekstueel bewezen dat ze in bepaalde situaties wel geluiden kunnen waarnemen zoals de Hadith van Anas aantoont. Daarin staat dat de dode het geluid van de schoenen van de mensen hoort wanneer ze hem in zijn graf achterlaten. In een andere hadith sprak de Profeet (sws) de lijken van de polytheïsme aan nadat ze in het gevecht van Badr werden gedood.

Toch mag men deze gevallen niet veralgemenen. Als er in een overlevering bevestigd wordt dat een dode in een bepaalde situatie kan horen, dan beperken we ons tot die situatie en veralgemenen we die hadith niet. Dit is de leerstelling van een groep geleerden volgens Ibn Rajab.

Er is geen betere uitspraak over dit onderwerp dan die van Ibn at-Tin: “Er bestaat geen twijfel dat de doden niet kunnen horen. Maar als Allah iets wil laten horen aan een wezen dat niet kan horen, dan kan niemand Hem beletten. Het woord van Allah is daarvoor het beste bewijs: “Daarna wendde Hij Zich tot de Hemel die een nevel was en Hij zei tot haar en tot de aarde: “Komt tot ons, gewillig of ongewillig.”” (Qur’an – Foessilat – 11)

 

6. Worden alleen moslims in hun graf ondervraagd of niet?

Antwoord: De termen van de hadith hebben een algemeen karakter. De ongelovige, verdorvene, polytheïst en hypocriet vallen daar ook onder.

 

Een noodoproep voor het einde der tijden.

Mijn lieve broeder en zuster,

O degene die tot zijn verlossing wordt opgeroepen maar geen gehoor geeft.
O degene die de ondergang en nederlaag aanvaard heeft.
Denk in tijden van gemak aan het uur van de ondervraging en “luister die dag naar de oproepen die vanaf een nabije plaats roept.” (Qur’an – Qaf – 41)

Wee jou! De waarheid is zichtbaar; de waarheid wordt niet verdoezeld. Bij elke zonsopkomst en zonsondergang worden jouw daden opgeteld. Jouw gelaatsuitdrukking verraad jou en de twijfelaar ontsnapt aan niemand. O degene die een onvolmaakte koopwaar heeft. Denk aan de Dag van de gruwelijkheden en verwijten “en luister die dag naar de oproeper die vanaf een nabije plaats roept.”

Ik zweer bij Allah, er komt een einde aan jouw rustig leventje. Jouw fijne en zachte kleren zullen vervangen worden door een lijkwade die in jouw graf zal verslijten. Het is verbazingwekkend dat je geweten na dit alles nog onberoerd kan blijven. Wee jou! Laat jouw hart aandachtig naar de vermaningen van de prediker luisteren  “en luister die dag naar de oproeper die vanaf een nabije plaats roept.”

Weet je nog hoe de dood naar sommige mensen heeft uitgehaald?
Ze werden door een pijnlijke dag verrast. Pas op! Er is met jou een getuige en een bewaker.

Bij Allah, je zal deze uitgestrekte wereld verlaten. Op dat moment zullen noch tranen noch gejammer jou van nut zijn. Onvermijdelijk is de dag waarin jong en oud verbijsterd zullen zijn. Het is een dag die de gedachten van het kind volledig zal innemen en hem grijs haar zal bezorgen. O degene wiens daden allemaal slecht zijn, misschien zijn je haren al grijs geworden. “En luister die dag naar de oproeper die vanaf een nabije plaats roept.”
Wat zal je doen als je in een trieste toestand sterft en je meer zonden hebt als de korrels van een zandduin? De Heerser nodigt jou bij Hem uit om jouw rekening na te trekken. Het is het moment waarin jouw familie en naasten zich van jou zullen verwijderen. O degene die zich illusies maakt. Je zou je beter zorgen moeten maken dan een grijs op jouw gezicht te hebben. Geloof je of heb je nog altijd twijfels? Of denk je dat je de marteling kunt weerstaan?
Ik heb de indruk dat de tranen van jouw ogen verdampt zijn.
Aanvaard mijn raad en doe mee aan dit grote opvoeding- en zuiveringsproject! “En luister die dag naar de oproeper die vanaf een nabije plaatst roept.”

O degene die opgeroepen zal worden om zijn daden voor te leggen!
O degene die over zijn handelingen ondervraagd zal worden!
O degene wiens woorden door de engelen worden opgeschreven!
O degene waarmee men zal praten over al zijn situaties! Het is echt verbazingwekkend hoe je dat kan vergeten. Denk je dat je voor altijd gezond zult blijven en een comfortabel leven zult hebben? Denk je dat illusies jou garanties kunnen bieden? Op een dag zal de pijl (de dood) ooit zijn doelwit bereiken. “En luister die dag naar de oproeper die vanaf een nabije plaats roept.”

Als je hard werkt om gered te worden, dan is dat voor je eigen goed. Als je in de dag gelooft waarin je je daden zult voorleggen, dan heb je je mooi gemaakt (met je geloof). O degene die door verschillende zaken in verwarring verkeert, stel vragen (aan de geleerden) en alles zal je duidelijk worden.

Wee jou! Wees met je hart aanwezig en luister zeer aandachtig: je bent slechts een vreemde in deze wereld. “En luister die dag naar de oproeper die vanaf een nabije plaatst roept.”

Tot wanneer zal je opgeslorpt worden door je (wereldse) zaken? Hoelang ga je nog wegvluchten (van de waarheid)? O tijd van de slaap, wanneer zal de tijd van ontwaking komen? Bij Allah, je ziektes hebben de dokter ontmoedigd.”“En luister die dag naar de oproeper die vanaf een nabije plaats roept.”

O degene wiens daden doordrenkt is van hypocrisie. Je maakt jezelf mooi voor de mensen zoals een houtbewerker meubelen versiert. Als je een zonde wilt begaan, denk dan aan de “dag van de doodskist”. Op die dag zal men je naar een graf dragen met een tapijt van stenen. Wie zal in je voordeel pleiten op de dag dat de mensheid, de djinns en de wilde dieren verzameld zullen worden? Het is een dag waar de zondaar al twijfelend en met verbazing uit zijn graf zal opstaan. Dan zal de Almachtige en Majestueuze komen en zal de hoogmoedige kleiner worden en de hoofden buigen. Op die dag zal de dove horen, de stomme praten en de brug (boven de hel) worden geplaatst. Vele zullen naar beneden tuimelen en velen zullen gekrabd worden. (De Profeet (sws) zei: “Er zullen aan elke kant van de brug (sirat) haken zijn die het bevel hebben gekregen om sommige personen naar zich toe te trekken. Sommigen zullen gekrabd worden maar zullen ontsnappen. Anderen zullen in de hel neerstorten.” Muslim.)

Het is een pad dat geen oversteekplaats is voor een arrogante of een twijfelaar. Op dat ogenblik zal noch geldboete noch losgeld worden aangenomen. De mensen van de hel zullen een deken en een bed van steenkool krijgen. “En de bergen zullen als verspreide wolvlokken zijn.” ( Qur’an – Al-Qari’ah – 5)

O degene wiens zuilen van oprechtheid broos zijn. Bezit je in je verstand een sprankel van intelligentie? Tot wanneer zal je ziel verstrooid blijven? Hij is door deze wereld verleid; hij is trots op zichzelf. De geest verheerlijkt zichzelf in het bijzijn van zijn gelijken en beconcurreert hen (in het verkrijgen van genot). Het vuur bevindt zich op het einde van de weg; een ergere bedreiging kan je niet hebben. “En wat doet jou weten wat zij is? – “Een verbrandende hel.” (Qur’an Al-Qari’ah- 10/11)

Je zult uit je graf komen zonden enige controle over je lichaam te hebben. Je hart, dat in je borstkas hangt, zal klagen en wartaal uitslaan. Je tranen zullen sneller naar buiten komen (dan het water) uit een sproeier. Ben je bewust van wat er op de dorstigen wacht? “Een verbrandende hel.”

Kon je maar de ongelukkige zondaar zien, Hij gilt zo hard hij kan op de grond van de opstanding: “Wat een verontrustende situatie!” Zijn dorst wordt groter maar er is nergens water te bespeuren. De vonken van het vuur komen langzamerhand naar hem toe. Wie kan zichzelf tegen deze vlammenwerper beschermen? “Een verbrandende hel.”

Kon je hem maar zien lijden onder de hitte van de hel.

Aan de ene kant heb je een verschroeiende hel en aan de andere kant een ijzige koude. Hij ondergaat hevige pijnen. Bij Allah, niets kan dit gevaar afweren buiten een berouwvol hart! “Een verbrandende hel.”

De zoon zal wegvluchten van zijn vader, de broer van zijn broer en de naaste van zijn verwante. Heb je de les goed begrepen, o jij wiens zonden aangroeien. “Een verbrandende hel.”

Dit is de reden waarom de vromen zich vroeger zorgen maakten. Ze raakten geëmotioneerd door de vrees voor hun Heer. Er vloeiden rivieren uit hun ogen. Hun oogleden brandden uit vrees voor “Een verbrandende hel.”

Moge Allah ons tegen de hel beschermen door middel van Zijn Edelmoedigheid. Moge Hij ons helpen in het volgen van de weg die ons ervan zal redden. Moge Hij door middel van Zijn gunst van ons dienaren maken die Zijn bevelen uitvoeren en Zijn verboden ontwijken, want hij bezit voortreffelijke gunsten. (Vergeet niet) “Een verbrandende hel.”

SLOT

Nadat je alle tekst hebt gelezen en mij tijdens deze gevaarlijke tocht in de binnenkant van het graf hebt vergezeld, wil ik je de volgende vraag stellen en ik smeek je om eerlijk te antwoorden: “Welk gevoel heb je eraan overgehouden? Welk gevoel ervaar je op dit moment? Wat zijn je indrukken?”

Liever broeder en zuster,

Ik wil dat je nu beslist om goede daden te verrichten. Het volstaat niet om even emotioneel te zijn. Dit het probleem van de jeugd van tegenwoordig. Ze worden emotioneel als ze de waarschuwingen horen en ze klagen over de toestand van hun geloof, maar ze zetten geen enkel concrete stap naar verandering.

Het zijn vaak dezelfde klachten en ziektes die je elk jaar hoort, maar toch blijft de jeugd wegzinken in die vicieuze cirkel.

Dierbare broeder en zuster,

Ik moedig je aan om te handelen. Sta nu op en ga begraafplaatsen bezoeken. Als je eenmaal daar bent, sta dan even stil en mediteer. Spreek de graven aan en luister aandachtig naar wat ze te zeggen hebben. Je hebt op de bladzijden van deze teksten fragmenten kunnen lezen over de toespraken die ze voeren.

Huil! Huil daar ter plekke en zuiver je hart met tranen. Elke stap die je daarna nog zet, moet voor Allah zijn. Wees eerlijk, oprecht en streef naar het hiernamaals.

Geef de geneugten op van dit wereldse leven! Stop en pleeg geen zonden meer.

Leer de Qur’an uit je hoofd en lees hem voor. Gooi de illusies van je af en hoop niet op een lang leven in deze wereld (want het kan zijn dat je morgen zal sterven). Laat niets je van de herdenking van Allah afleiden. Bestudeer de Islam. Als je iets bijleert, zet het dan onmiddellijk om in daden. Laat geen enkele dag voorbijgaan zonder dat je daar een goede daad in hebt verricht die je dichter bij Allah zal brengen.

 

 

Beste broeder en zuster,

Vul vanaf VANDAAG je graf met goede daden.

Verlicht ze met vroomheid. Maak ze wijder met offers.

Onderhoud en voed de metgezel op die je graag in je graf als gast wilt hebben. Komaan, doe iets! Beweeg! De dood komt beetje bij beetje naar je toe en bevindt zich heel dicht in je buurt.

Moge Allah ons moslims allen beschermen. Ameen.

 

*Dit waren fragmenten uit het boek van Sheikh Muhammed Husayn Ya’qub. Moge Allah hem rijkelijk belonen.

Comments are closed.