De verpleegster en de moslimpatiënt

Mijn naam is Carrie, ik ben 23 jaar oud. Ik ben afgestudeerd als een
gekwalificeerd verpleegster en ik kreeg mijn eerste klus als
verpleegster in de thuiszorg.

Mijn patiënt was een Engelse heer van in de begin 80 die leed aan
Alzheimer. Tijdens de eerste ontmoeting kon ik uit zijn dossier
opmaken dat hij een islamitische bekeerling was: hij was dus een
moslim

Ik begreep hieruit dat ik rekening moest houden met bepaalde gebruiken
die mogelijk tegen zijn geloof zouden indruisen, en dat ik mij aan zou
moeten passen aan zijn behoeften. Ik kocht wat halalvlees in en ik
lette goed op dat er nergens varkensvlees of alcohol in zat nadat ik
een klein onderzoek had gedaan naar wat verboden was in de islam.

Aangezien mijn patiënt al in een ver stadium van zijn ziekte was,
begrepen veel collega’s niet waarom ik zoveel moeite voor de man deed.
Maar ik was de mening toegedaan dat iemand die toegewijd is aan zijn
geloof respect verdient, ook al zit hij of zij in een positie dat dit
niet meer begrepen wordt.

In elk geval ontdekte ik na een paar weken een patroon in bepaalde
handelingen bij mijn patiënt. Eerst dacht ik dat hij bewegingen nadeed
die hij van iemand had gezien, maar ik zag hem de handelingen telkens
op bepaalde, vaste tijden maken; in de ochtend, in de middag en in de
avond. Hij bracht zijn handen omhoog, boog en legde zijn hoofd op de
grond. Ik begreep het niet. Hij herhaalde ook een paar zinnen in een
andere taal. Ik herkende de taal niet, omdat zijn spraak wat gebrekkig
was, maar ik hoorde wel dagelijks dezelfde klanken.

En er was nog iets vreemds: ik mocht hem niet voeden met mijn
linkerhand, terwijl ik linkshandig ben. Ik voelde aan dat dit te maken
had met zijn godsdienst.
Een van mijn collega’s vertelde mij over paltalk als een plaats voor
debatten en discussies en aangezien ik geen andere moslims kende
behalve mijn patiёnt, leek het mij goed om iemand live te spreken en
vragen te stellen. Ik ging naar de ‘afdeling’ islam en kwam uit in de
kamer ‘ware boodschap’. Hier kon ik terecht met mijn vragen over de
zich herhalende bewegingen en men vertelde mij dat deze handelingen
onderdeel uitmaken van het gebed. Ik geloofde het eerst eerlijk gezegd
niet, totdat men mij een link mailde van het islamitisch gebed op YouTube.

Ik was geschokt. Een man die zijn kinderen niet meer kende, die niet
meer wist wat voor beroep hij had gehad en die nauwelijks nog kon eten
en drinken, kon zich wel de handelingen van het gebed herinneren. En
dat niet alleen; hij bleek ook in staat te zijn de verzen op te zeggen
in een andere taal. Dit was ongelooflijk. Ik was er nu van overtuigd
dat deze man toegewijd was aan zijn geloof. Ik wilde hier meer van
weten, zodat ik hem nog beter kon helpen.

Ik kwam zo vaak mogelijk in de paltalk-kamer en ontving een link
met de vertaling van de Quran, waar ik naar luisterde. Het hoofdstuk
‘de Bij’ gaf mij de rillingen en ik luisterde er meerdere malen per
dag naar. Ik sloeg een recitatie uit de Quran op in mijn iPod en liet
het door mijn patiёnt beluisteren. Hij glimlachte en begon te huilen.
En toen ik de vertaling las, begreep ik waarom.

In principe was het mijn intentie om kennis op te doen om voor mijn
patiёnt te kunnen zorgen, maar zo langzamerhand begaf ik mezelf steeds
vaker in de kamer om antwoorden op vragen te vinden voor mij zelf.

Ik had nooit de tijd genomen om mijn leven te overdenken. Mijn vader
kende ik nauwelijks; mijn moeder was gestorven toen ik 3 jaar oud was.
Mijn broer en ik werden opgevoed door onze grootouders die vier jaar
geleden overleden waren. Wij bleven over met zijn tweeën. Ondanks al
deze verliezen dacht ik gelukkig te zijn, tevreden.

Het was dat ik tijd doorbracht met mijn patiёnt, dat ik voelde dat ik
iets miste. Ik miste het gevoel van vrede en rust die mijn patiёnt
ondanks zijn lijden ervoer. Ik wilde dat gevoel ergens bij te horen;
ik wilde wat hij voelde ondanks het feit dat hij alleen was.

Van een dame op paltalk ontving ik een adressenlijst met moskeeën en
ik bracht een bezoek aan een van de moskeeën. Ik keek naar het gebed
en ik kon mijn tranen niet bedwingen. Vervolgens werd ik elke dag naar
de moskee toegetrokken en de imam en zijn vrouwen gaven mij boeken en
bandjes en beantwoorden graag alle vragen die ik had.

Elke vraag die ik stelde in de moskee of op paltalk werd met zo’n
duidelijkheid en zo diepgaand beantwoord dat ik het wel accepteren
moest. Ik had nooit een godsdienst aangehangen, maar ik geloofde wel
in god; ik wist alleen niet hoe ik Hem aanbidden moest.

Op een avond kwam ik weer op paltalk en stelde een van de sprekers mij
een vraag via de microfoon. Hij vroeg me of ik nog vragen had, maar
die had ik niet. Hij vroeg me of ik tevreden was met de gegeven
antwoorden en ik bevestigde dit. Toen vroeg hij waarom ik de islam
niet wilde accepteren, maar ik kon hem geen antwoord geven. De
volgende ochtend ging ik naar de moskee om het ochtendgebed te zien.
De imam stelde mij dezelfde vraag, maar opnieuw zat ik met mijn mond
vol tanden.

Daarna toog ik naar mijn patiёnt. En pas toen ik tijdens het voeden in
zijn ogen keek, realiseerde ik mij dat hij op mijn pad gekomen was met
een reden en dat de enige reden om de islam niet te accepteren angst
was. Niet bang in de zin van dat het niet goed voor mij zou zijn, maar
ik was bang dat ik de islam niet waardig zou zijn, niet zoals deze
man.

Die middag ging ik naar de moskee en vroeg de imam of ik mijn
getuigenis af kon leggen, de shahada: ‘Ashadoe an la ilaha ilallah wa
ashadoe anna Mohammadan rasoeloellah’. Er is geen god behalve Allah en
Mohammed is Zijn Boodschapper. Hij begeleidde mij bij het opzeggen en
gaf uitleg over wat er van mij verwacht werd nu.

Ik kan het gevoel dat ik op dat moment had niet onder woorden brengen.
Het was alsof ik wakker werd en alles heel helder zag. Het was een
gevoel van overweldigende vreugde, van helderheid en vooral
van… vrede.

De eerste persoon aan wie ik het vertelde was niet mijn broer, maar
mijn patiёnt. Ik ging naar hem toe en zelfs voordat ik mijn mond
opende om het te vertellen huilde hij en glimlachte naar mij. Ik brak
op dat moment in zijn bijzijn; ik was hem zoveel dank verschuldigd.

Bij thuiskomst herhaalde ik mijn Shahada in de paltalk-kamer. Ze
hebben me vervolgens allemaal geholpen en ook al had ik nog nooit een
van hen gezien, ze waren mij nader dan mijn eigen broer.

Uiteindelijk belde ik mijn broer op om het te vertellen. Hij was er
niet blij mee maar steunde me en zei dat hij er voor me zou zijn. Dat
was meer dan ik kon wensen.

In de eerste week als moslim overleed mijn patiёnt in zijn slaap
terwijl ik voor hem zorgde. Inna lillahi wa inna ilaihi raadji’oen. Hij
stierf een vreedzame dood en ik was de enige person die bij hem in de
buurt was.

Hij was als de vader die ik nooit heb gehad, en hij was mijn poort
naar de islam. Vanaf de dag dat ik mijn Shahada deed en zolang als ik
leef, zal ik bidden dat Allah hem genadig zal zijn en dat hij van elke
daad die ik verricht de tienvoudige beloning ontvangt. Ik houd van hem
omwille van Allah en ik bid iedere avond dat ik ook maar een fractie
mag worden van de moslim die hij was.

Islam is een geloof met een open poort; het is toegankelijk voor
degenen die er naar binnen willen. Allah is werkelijk de Meest
Barmhartige, de Meest Genadevolle.

(Onze zuster Carrie stierf in 2010 – inna lillahi wa inna ilaihi
radjioen
 – nadat ze haar broer had uitgenodigd om moslim te worden en
hij de uitnodiging accepteerde, al-Hamdoelillah)

Comments are closed.